Nederlandse rederij moet gezonken Flinterstar bergen
Het vrachtschip Flinterstar ligt al sinds begin oktober 2015 voor de kust van Zeebrugge. Foto: BELGA

Via een beroepsprocedure probeerde de Nederlandse rederij Flinter alsnog de kosten te ontlopen, maar het heeft niet gebaat. Ze moet haar vrachtschip, dat begin oktober zonk voor de kust van Zeebrugge, zelf bergen.

De Nederlandse rederij Flinter en de bevrachter Onego moeten instaan voor de berging van het gezonken vrachtschip Flinterstar, dat al sinds begin oktober 2015 voor de kust van Zeebrugge gestrand ligt.

Dat heeft het hof van beroep in Gent geoordeeld. Bovendien moet binnen 2,5 maanden een contract tot berging afgesloten zijn, anders hangt de reder een dwangsom van 300.000 euro per dag boven het hoofd.

De beroepsprocedure die de reder en de bevrachter aangingen om alsnog de bergingskosten te ontlopen, heeft dus niets uitgehaald. Het hof van beroep herhaalde in grote lijnen de uitspraak van de Brugse rechtbank van koophandel van begin december.

Pechstrook

Het arrest wordt als tussenarrest beschouwd. Over de definitieve planning, zoals de datum van de effectieve berging, werd immers nog geen uitspraak gedaan. Hiervoor zal het hof eerst de gerechtsdeskundige horen op 14 maart.

Het arrest is wel al uitvoerbaar. De rederij moet dus aan de slag gaan om berger te zoeken.

‘Ik heb steeds gezegd dat het logisch was dat de eigenaar van het schip zou instaan voor de berging’, zegt staatssecretaris voor de Noordzee Bart Tommelein. ‘Je kan je auto ook niet op de pechstrook laten staan na een ongeval. De rechtbank geeft ons nu voor de tweede keer gelijk en toont dat het menens is, met een duidelijke termijn voor de berging en dwangsommen indien men daar geen werk van maakt. Ook de door de overheid gemaakte kosten om de olie te ruimen en het wrak te bewaken, wil ik verhalen. Die kosten zijn ondertussen al opgelopen tot 1,82 miljoen euro.’

Procedureslag

Met het oordeel van het hof van beroep lijkt een einde te komen aan een lange procedureslag. Rederij Flinter besliste kort nadat de Flinterstar gezonken was, op 6 oktober 2015, om afstand te doen van het schip. Daardoor moest, volgens het zeerecht, België instaan voor de berging van het vrachtschip. Maar staatssecretaris Tommelein pikte dat niet en liet nagaan of er geen andere uitweg was. Met succes, zo werd vandaag bevestigd.