'Soms doet opsporingsbericht op Facebook meer kwaad dan goed'
Themabeeld. Foto: rr

Al meer dan honderdduizend mensen hebben op Facebook het opsporingsbericht van een stiefmoeder gedeeld over de vermissing van een 4-jarig jongetje. Maar politie, parket en Child Focus spraken niet van een onrustwekkende verdwijning. ‘Dat we geen affiches verspreiden, heeft zijn reden. Soms doet zo een opsporingsbericht meer kwaad dan goed’, klinkt het.

Ongerust en bang over wat er met de zoon van haar man zou kunnen gebeurd zijn, plaatste een stiefmoeder deze week een opsporingsbericht op Facebook. Met een foto van de jongen en het verzoek om het bericht massaal te delen. Dat gebeurde intussen al meer dan honderdduizend keer.

Het Leuvense parket volgt het dossier op, maar voorlopig wordt er geen opsporingsbericht verspreid en wordt de verdwijningszaak nog niet als onrustwekkend beschouwd. Veel mensen stellen zich vragen bij die aanpak, maar Dirk Depover van Child Focus legt uit waarom dit zo is. Child Focus bevestigde dat de jongen terecht is, maar de ­organisatie ­betreurt dat het bericht zo massaal werd ­gedeeld, aangezien het kadert in een louter familiale context.

Onrustwekkende verdwijningen

‘Opsporingsberichten worden slechts in een beperkt aantal verdwijningszaken verspreid. Alleen als het echt om onrustwekkende verdwijningen gaat: als het leven van het kind in gevaar is’, zegt Dirk Depover van Child Focus.

‘Daar wordt hard over nagedacht en overleg over gepleegd. Met alle partijen. De parketmagistraat, wij en uiteraard de cel Vermiste Personen van de federale politie die een jarenlange expertise hebben’, zegt Dirk Depover.

Depover wijst erop dat het niet is omdat er geen opsporingsbericht wordt verspreid, zoals nu, dat er niet gezocht wordt. ‘Wij hebben in de loop der jaren een groot netwerk van vertrouwenspersonen opgebouwd. Agenten van bewakingsfirma’s, controleurs op bus, trein en tram. Maar ook cafébazen, winkelbedienden, uitbaters van benzinestations en noem maar op. Zij krijgen de foto van een vermist kind met de vraag er discreet naar uit te kijken. Zij weten ook perfect wie ze moeten contacteren indien ze nieuws hebben. Dat systeem werkt zeer goed en heeft vooral voordelen.’

Herkend op straat

Waarom toch ook geen opsporingsbericht verspreiden? ‘Stel dat je dat doet in een bepaalde stad en het gezochte kind bevindt zich daar, dan kan de volwassene die het bij zich heeft het meenemen naar een andere plek. Maar ook: stel dat het kind een paar dagen later wordt gevonden, zal het nog lang herkend worden op straat. En dat is voor niemand goed. Daarom: laat het verspreiden van opsporingsberichten aan ons over. In het belang van uw kind.’

Dat het Facebookbericht massaal werd gedeeld, verbaast Depover niet. ‘Wat we zien, en ook jammer vinden, is dat de solidariteit onder de mensen groter is wanneer er een blank jongetje verdwijnt, dan wanneer het eentje is met een Arabisch klinkende naam bijvoorbeeld. Terwijl het voor die ouders even ingrijpend is.’