OVERZICHT

Dalen of stijgen uw gemeentebelastingen?

De meeste Vlaamse gemeenten lijken hun financiële toestand onder controle te hebben. Uit cijfers van VVSG, de vereniging voor Vlaamse steden en gemeenten, blijkt dat de twee belangrijkste gemeentebelastingen stabiel blijven of zelfs licht dalen. Hoe staat uw gemeente ervoor?


 

Aanvullende personenbelasting

Samen met de opcentiemen vormt de aanvullende personenbelasting de belangrijkste bron van inkomsten van uw gemeente. Dit is een percentage dat u bovenop uw inkomstenbelasting aan de overheid betaalt en dat bestemd is voor de gemeenten. Gemiddeld ligt dat dit jaar op 7.27%.

Klik op uw gemeente voor meer uitleg.



Legende: blauw: status quo, groen: gedaald, rood: gestegen

Waar betaalt u het minst?
Knokke-Heist: 0 %
De Panne: 0 %
Koksijde: 0 %
Zwijndrecht: 2.5 %
Waar betaalt u het meest?
Mesen: 9 %
Heuvelland: 8.7 %
Lennik, Tongeren, Sint-Niklaas
Tielt-Winge, Riemst, Hoeselt
Sint-Lievens-Houtem, Wachtebeke, Boom
Peer, Scherpenheuvel-Zichem, Kortessem
Borgloon, Roeselare, Kortemark: 8.5 %
 

 

Opcentiemen op de onroerende voorheffing

Elke gemeente legt jaarlijks zijn tarief voor opcentiemen vast. Opcentiemen zijn een deel van de onroerende voorheffing, die wordt berekend op basis van uw kadastraal inkomen.



Legende: blauw: status quo, groen: gedaald, rood: gestegen

Waar betaalt u het minst?
Zaventem: 750
Sint-Martens-Latem: 750
Aartselaar: 800
Overijse: 850
Wezembeek-Oppem: 850
Waar betaalt u het meest?
Alveringem: 2 250
Spiere-Helkijn: 2 200
Diksmuide: 2 150
Wervik: 2 000
Avelgem: 2 000
Vleteren: 2 000
Oostende: 2 000
 

Bron: VVSG