‘Genderquota werken’
Archiefbeeld Foto: Photo News

Het percentage vrouwen in de bestuursraden is op 6 jaar tijd verdubbeld. Dat is het gevolg van de wet over de aanwezigheid van vrouwen in het bestuur van bepaalde ondernemingen en overheidsbedrijven. Maar de minimumdoelstellingen zijn nog lang niet overal gehaald.

Dat blijkt uit een onderzoek van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen naar de toepassing van de wet van 28 juli 2011 over de aanwezigheid van vrouwen in de bestuursraden van beursgenoteerde ondernemingen, economische overheidsbedrijven en de Nationale Loterij.

Uit het onderzoek blijkt dat het percentage vrouwen in de bestuursraden van de onderzochte bedrijven op 6 jaar verdubbeld is: van 8,2 procent in 2008 naar 12,7 procent in 2012 en 16,6 procent in 2014. ‘Deze resultaten bewijzen dat de dwingende aanpak werkt’, klinkt het.

‘Minimumdoelstelling nog lang niet bereikt’

‘Deze bemoedigende resultaten bewijzen dat de dwingende aanpak werkt. We mogen echter niet vergeten dat de vastgestelde minimumdoelstelling van minstens een derde vrouwen nog lang niet bereikt is bij een groot aantal bedrijven’, verklaart Liesbet Stevens, adjunct-directeur van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen.

De wet is al van toepassing voor de overheidsbedrijven sinds 2012, maar treedt voor de grote beursgenoteerde ondernemingen pas in werking in 2017 en voor de kleine in 2019.

‘Het feit dat veel vrouwen nog vaak moeten kiezen tussen moederschap en carrière en dat ze binnen hun gezin het meeste werk verzetten in het huishouden en de opvoeding, en het feit dat seksistische stereotypen blijven voortbestaan in sommige bedrijven en sectoren kunnen een verklaring zijn voor deze zwakke vrouwelijke vertegenwoordiging’, aldus Stevens.

Grootte van de onderneming heeft een invloed

De grootte van de onderneming lijkt een invloed te hebben op het genderevenwicht in de raad van bestuur van een beursgenoteerde onderneming. De aanwezigheid van vrouwen in de bestuursraden van de Bel20-bedrijven ligt hoger (21,5 procent) dan bij de besturen van ondernemingen uit de Bel Small (13,7 procent).

Daarnaast blijkt dat het totaal aantal leden in de bestuursraden min of meer gelijk is gebleven sinds de publicatie van de wet. Er werden dus geen extra plaatsen gecreëerd voor vrouwen, maar ze volgden daadwerkelijk mannen op bij de hernieuwing van de mandaten.

‘Vrouwen zwak vertegenwoordigd in directiecomités’

De wet van 28 juli 2011 is niet van toepassing op de directiecomités. Het Instituut heeft toch een balans opgemaakt in de strategische en beslissingsfuncties. Vrouwen zijn er heel zwak vertegenwoordigd. In 2014 telde bijna de helft van alle onderzochte directiecomités (47,8 procent) geen enkele vrouw, en 39,1 procent maar één.

In tegenstelling tot de bestuursraden geldt dat hoe kleiner een onderneming is, hoe meer gelijkheid in het directiecomité. Zo tellen de bedrijven van de Bel Small meer vrouwen in hun directiecomités (17,3%) dan de Bel20-bedrijven (15,2%).

In de directiecomités van de overheidsbedrijven zijn vrouwen amper aanwezig en in bepaalde gevallen helemaal niet. Het gaat dan over 6,6 procent vrouwen, tegenover 12,1 procent voor alle bedrijven samen. Sommige overheidsbedrijven die de wet op de quota in de bestuursraden wel naleven, zoals de NMBS, of die nog beter doen, zoals Bpost, hebben geen enkele vrouw in hun directiecomité.