Regering laat vervroegd pensioen bij Proximus toe
Foto: BELGA

Statutaire werknemers van Proximus mogen van de regering met vervroegd pensioen, sommigen op 58, anderen op 60 jaar. Dat schrijft De Tijd vrijdag. De bonden moeten het wel nog goedkeuren.

Proximus is al langer aan het bekijken hoe het de hoge personeelskosten kan verminderen. Die bedragen 31 procent van de omzet, terwijl het gemiddelde in de sector 24 procent is. Daarnaast is 40 procent van het personeelsbestand (of 4.800 ambtenaren) nog statutair, met een gemiddelde leeftijd van 54 jaar.

In het eerste plan dat Proximus indiende wilde men de werknemers die zich niet meer konden aanpassen aan de nieuwe technologie, op 56 jaar op pensioen sturen. Maar zowel N-VA als Open Vld deden moeilijk, omdat het in strijd was met de doelstelling om iedereen langer te laten werken.

In het nieuwe voorstel zouden personeelsleden voor wie geen werk meer is, vanaf 58 jaar kunnen vertrekken. In eerste instantie met de bedoeling hen in een ander overheidsbedrijf of administratie onder te brengen. Voor wie dat niet lukt, kan “met verlof voorafgaand aan het pensioen”. De regering gaat ervan uit dat om maximaal 200 mensen zou gaan.

Daarnaast ligt een voorstel op tafel voor vrijwillig vertrek op 60 jaar, met behoud van een (groot) deel van het loon. Enkele honderden mensen zouden volgens De Tijd in aanmerking komen.

Volgens de krant kreeg het volledige plan groen licht van de regering met als voorwaarde dat het de begroting geen geld mag kosten. Het is dus Proximus dat het loon moet blijven betalen van diegenen die vertrekken.