Dolle pret, inclusief migraine
Foto: Koen Bauters

Het sidderde en ratelde andermaal in de Ancienne Belgique bij de passage van Squarepusher. De Britse elektronicagod weigerde bijna vijftien jaar lang live te spelen maar hij is sinds 2009 met geen koevoet uit de clubs te krijgen. Tom Jenkinson, zoals het enigma écht heet, geniet tegenwoordig duidelijk van de verafgoding die hem tijdens concerten te beurt valt en dat meer dan twintig jaar nadat hij zijn grensverleggende debuut Feed me weird things op de goegemeente los liet.

Waar hij zijn gelaat bij zijn vorige concerttournee verstopte onder een Daft Punk-achtige robothelm koos hij deze keer voor een schermerskap daar willen we van af. Geen idee met wat voor een diabolische grijns de man ons vanachter het gaas aankeek, maar de brute Blitzkrieg van beats sprak boekdelen. Onder het frivole synthesizergepiel van ‘Stor Eiglass’ stotterden elektronische microritmes met een furie die maag en darmen ondersteboven keerde. Jenkinson is de man van de zogeheten ‘dril-’n-bass’, een razende variant van drum-’n-bass waar Netskyfans ongetwijfeld onwel van worden. Beeld u zich het geluid in van tien spechten die ritmisch tegen uw voorhoofd tikken. Dolle pret? Jawel. Migraineverwekkend? Jazeker!

Op het beeldscherm achter de man liep een orkaan aan visuals synchroon mee met de sneltreinbeats: een dronken filmmontage vol knipperende ascii-codes en flitsende telexberichten (denken we, tenminste) en het soort digitale flarden dat u krijgt als de televisiedecoder hortend weer op gang komt na een stroomonderbreking.

Voor de start van elke track flitsten eveneens wazige beelden van een organogram heen en weer: gestolen uit een powerpointpresentatie van het platenlabel misschien? Erg mooi was de animatie van gifgroene fluorescerende gasbellen, als van een toxische toverdrank, die naar het plafond kringelden op een soundtrack van scheefgetrokken acidbliepjes en korzelige industriële bassen.

Wie toen nog overeind stond werd getrakteerd op een sidderend elektronisch remspoor, alsof Jenkinson zijn softwareprogramma opzettelijk liet crashen. Zagen we daar rookpluimen uit het mengpaneel opstijgen?

Als toemaatje omgordde hij zijn basgitaar want, o ja vergeten, Jenkinson is ook een basvirtuoos. Zonder masker, in vol spotlicht, verloor hij zichzelf in fiks geslap en jazzy flageoletten tot we het allemaal een beetje té zelfgenoegzaam vonden. Wie zei dat god onfeilbaar is?