De Joodse gemeenschap in Antwerpen kreeg bezoek van premier Charles Michel (MR) en minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA). Het belangrijkste thema: veiligheid.

Scholen, synagogen en andere publieke plaatsen worden in Antwerpen extra beveiligd tegen mogelijke terreurdaden. In Antwerpen zorgen dagelijks vijftig tot zeventig militairen voor bewaking, bovenop de vijftig politieagenten die de stad Antwerpen inzet.

‘Antwerpen heeft een 70-tal publieke Joodse gebouwen. In Brussel zijn dat er meer, maar het verschil is dat de Joodse gemeenschap hier zeer zichtbaar is, wat haar zeer kwetsbaar maakt’, legt burgemeester Bart De Wever (N-VA) uit.

De premier verzekert dat de strijd tegen radicalisering en antisemitisme hoog op de agenda staat. ‘Antisemitisme is onaanvaardbaar. Ik wil een nultolerantie daarvoor.’

Bovenop de inzet van militairen heeft de regering-Michel nog eens vier miljoen euro vrijgemaakt voor extra technische beveiliging, zoals kogelvrij glas en sasdeuren. Eens die investeringen zijn uitgevoerd, kan de inzet van manschappen misschien wat naar omlaag.

‘Extra manschappen nog nodig’

De Joodse gemeenschap is dankbaar voor de extra middelen. Maar de militairen en agenten kunnen lang nog niet uit het straatbeeld, zegt Aaron Malinsky. ‘Het kan niet de bedoeling zijn dat technologie alleen voor de veiligheid zal instaan. Ik hoop dat de manschappen ooit weg kunnen, maar nu kan dat zeker nog niet. Veiligheid komt eerst.’

Minister Jambon zegt dat er nog lang niets beslist is over het afbouwen van de personeelsinzet. Eens de extra investeringen uitgevoerd zijn, zal het dreigingsniveau worden geanalyseerd en dan pas komt er een afweging.

Premier Michel spreekt tegen dat de Joodse gemeenschap inzake veiligheid een voorkeursbehandeling krijgt. ‘Het is het coördinatieorgaan voor de dreigingsanalyse (OCAD) dat zegt dat er een reëel risico bestaat voor deze Joodse gemeenschap. Het is de taak van de regering om burgers te beschermen en de nodige maatregelen te nemen.’