‘Saab’ mag niet meer gebruikt worden voor auto’s
Foto: Jimmy Kets

De Zweedse defensiegroep Saab wil niet dat zijn naam nog gebruikt wordt voor auto’s. Dat heeft de groep dinsdag bekendgemaakt en betekent het einde voor het gelijknamige Zweedse automerk.

National Electric Vehicle Sweden (Nevs), het bedrijf dat opgericht werd voor de overname van de activa van de failliete autobouwer Saab in 2012, heeft slechts gedurende enkele maanden wagens gebouwd, van eind 2013 tot mei 2014.

Defensiegroep Saab AB besliste om Nevs de rechten op de merknaam Saab niet langer toe te kennen, toen Nevs in de zomer van 2014 bescherming aanvroeg tegen zijn schuldeisers. Hoewel het bedrijf ondertussen uit die procedure is dankzij nieuwe Chinese aandeelhouders, gaf Nevs-topman Mattias Bergman dinsdag in de krant Svenska Dagbladet toe dat de inspanningen om de rechten terug te krijgen zonder resultaat bleven.

Het overblijfsel van de Zweedse autobouwer Saab stelt vandaag nog steeds zowat 350 mensen tewerk op de historische site van Trollhättan, in het zuidwesten van Zweden. Nevs zag zich genoodzaakt zijn strategie te heroriënteren en kondigde maandag aan een partnerschap te hebben gesloten met de Chinese constructeur Dongfeng, een referentieaandeelhouder van PSA Peugeot Citroën.

Het automerk Saab ontstond in 1949 uit de diversificatie van een defensiegroep die door de Zweedse staat opgericht was in 1937. Het merk werd in 1990 verkocht aan het Amerikaanse autoconcern General Motors, dat het in 2010 verkocht aan het Nederlandse Spyker. De Nederlanders slaagden er echter niet in om het legendarische Zweedse automerk overeind te houden, waarna Saab in 2012 failliet ging.