Minstens 31 burgers zijn woensdag gedood bij aanvallen van de Syrische luchtmacht op de Goutha-regio ten oosten van Damascus die grotendeels in handen van rebellen is. Dat stelt het Syrische Observatorium voor Mensenrechten.

Bij de luchtaanvallen op Douma, Sabqa, Kafr Batna en Hammouriyé vielen volgens de niet-gouvernementele organisatie ook ruim honderd gewonden.

Ze volgden op raketaanvallen van de rebellen op de hoofdstad, waarbij volgens het regime vijf mensen gedood werden.

Het ministerie zei volgens de officiële televisie dat ook 58 mensen gewond waren geraakt door de raketten die afgevuurd werden vanuit rebellenzones rondom Damascus. De televisie maakte voorts gewag van materiële schade bij ‘het terroristische bombardement op woonwijken van Damascus’.

Het Syrische Observatorium voor Mensenrechten, dat in Groot-Brittannië gebaseerd is en over een uitgebreid netwerk van bronnen verspreid over Syrië beschikt, zei dat ruim 50 projectielen op verscheidene wijken van het stadscentrum werden afgevuurd.

Het geweld komt voor een bezoek van de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken aan Damascus om een nieuw plan te bespreken dat de burgeroorlog moet beëindigen.