‘Meeste Kamerleden kunnen nog altijd op 52 met pensioen’
Kim De Witte

Zo goed als alle Kamerleden kunnen nog altijd op 55 jaar met pensioen, en meer dan de helft zelfs op 52 als ze dat willen. Dat zegt Kim De Witte, pensioenspecialist van de linkse partij PVDA en docent aan de KU Leuven.

De Witte heeft het interne pensioenreglement van de Kamerleden grondig uitgeplozen. Dat reglement werd eind 2013 aangepast, waardoor de parlementsleden ook zouden inleveren.

‘Maar die aanpassingen blijken toch minder groot dan ze altijd hebben gezegd’, klinkt het vrijdag in Gazet van Antwerpen. Zo blijkt volgens De Witte dat bijna alle parlementsleden, iedereen die op 25 mei verkozen is, op hun 55ste met pensioen mogen gaan. ‘In het document staat namelijk dat de nieuwe regeling - pensioen vanaf 62 jaar - pas ingaat vanaf 1 juni 2014. Van de 150 Kamerleden zijn er maar 3 of 4 die onder de nieuwe regeling vallen, dat zijn mensen die pas in oktober in het parlement zijn gekomen.’ Wie al een volledig mandaat achter de rug had, mag op 52 jaar met pensioen. Dat laatste geldt voor 95 van de 150 Kamerleden.

Volgens een berekening van Kim De Witte zou Bart De Wever in 2025 op 55-jarige leeftijd een pensioen hebben opgebouwd van 5.753 euro per maand. Dat is bovendien cumuleerbaar met andere pensioenen, zoals het pensioen als burgemeester van Antwerpen. Premier Charles Michel zal als hij stopt op 55 jaar, een pensioen hebben opgebouwd van 7.322 euro per maand, exclusief het pensioen als burgemeester van Waver. De huidige minister van Pensioenen, Daniël Bacquelaine, heeft al een volledige pensioenloopbaan opgebouwd. Indien hij vandaag stopt, dan zal zijn pensioen als parlementair 5.379 euro per maand bedragen, plus de andere wettelijke pensioenrechten als burgemeester van Spa, als docent aan de universiteit en als arts, aldus De Witte.