Geen enkele partij wil B-Fast afschaffen
Foto: BELGA

Geen enkele partij heeft maandag in de Kamercommissie Buitenlandse Betrekkingen gepleit voor de afschaffing van B-Fast, na de weinig succesvolle missie in Nepal. Al toonden sommigen zich wel erg kritisch. De N-VA, van waaruit B-Fast de voorbije dagen wel in vraag werd gesteld, hield zich in de commissie erg op de vlakte.

CDH’er Georges Dallemagne, die een verleden heeft bij Artsen Zonder Grenzen, toonde zich maandag het scherpst. ‘Het uitsturen van zoveel teams is een ramp die bovenop de natuurramp komt, dat wisten we dertig jaar geleden al’, onderstreepte hij. Bij een aardbeving zijn dergelijke nationale teams volgens hem ‘gedoemd om te mislukken’, al wil hij B-Fast niet afschaffen. ‘We willen dit instrument niet kwijt, maar wel het zo doeltreffend mogelijk wordt ingezet.’

Een evaluatie dringt zich dus op, erkende zowat iedereen. De regering kondigde die al aan, maar SP.A’er Dirk Van der Maelen vindt niet dat die moet gebeuren door buitenlandminister Didier Reynders en zijn diensten. Zij waren immers zelf verantwoordelijk voor de beslissingen. De socialist verwees daarbij naar de keuze om geen veldhospitaal uit te sturen, maar Reynders herhaalde dat ‘de specificiteit van de ramp en het zwaar getroffen stedelijk gebied van Kathmandu’ daartoe geleid hebben. Net als het gebrek aan beschikbaarheid van het grootste legervliegtuig.

‘Politieke spelletjes ondermijnen draagvlak’

Ziedaar de gevolgen van de zware besparingen bij Defensie, onderstreepte Wouter De Vriendt (Groen). Hij wees de regering nadrukkelijk niet met de vinger voor de mislukte missie, maar hamerde wel op de impact van de besparingen uit het verleden, ook op het budget van B-Fast. En hij waarschuwde dat politieke spelletjes het draagvlak voor B-Fast ondermijnen.

Niemand stelde het Belgische reddingsteam in vraag. Els Van Hoof (CD&V) wil wel een grotere rol van AZG en het Rode Kruis bij B-Fast en ziet het team op termijn liefst opgaan in een EU-Fast. Reynders zelf brak eerder ook al een lans voor een Europees team, maar verwacht daar niet snel concrete stappen.

Deel van ruimere aanpak

De minister herhaalde tot slot dat B-Fast grondig tegen het licht gehouden zal worden, om de werking en de structuren efficiënter en doeltreffender te maken. Hij bleef ook nu achter de genomen beslissingen rond Nepal staan en onderstreepte dat B-Fast deel uitmaakt van een ruimere Belgische aanpak bij rampen in het buitenland. ‘B-Fast is er specifiek om zeer vlug, op enkele uren tijd, antwoord te bieden aan een land dat hulp vraagt bij een ramp’, bracht hij in herinnering.

Reynders kwam tot slot nog even terug op het prijskaartje. Dat werd in eerste instantie geraamd op 300.000 euro, maar wellicht kan daar nog wat van af. Zo moet onder meer nog worden verrekend dat onder meer enkele Luxemburgers, Duitsers en mensen van de VN meereisden met het Belgische legervliegtuig, terwijl het Belgische team zelf terugvloog met een Nederlands toestel. Reynders verwacht dat uiteindelijk zal worden afgeklokt op 180.000 à 200.000 euro.