BLOEMKOOLKOEKJES
Foto: rr
We zullen het wel allemaal hebben: de herinnering aan iets dat ons toen, daar, zo smaakte dat we het een plaats geven in onze top tien van lekkernijen.

Jaren geleden lijstte ik voor een toespraakje in ‘de week van de smaak’ mijn favorieten eens op en op nummer 1 kwamen de banaantjes, pisang raja’s, te staan waarvan ik een tros had gekocht aan een kraampje langs een weg op Java.

Die banaantjes blijven mijn numero uno, maar ergens in mijn top tien zet ik nu ook de bloemkoolkoekjes die ik in de new yorkse luchthaven JFK at in aanloop tot een terugvlucht naar huis na het grootmoederen ginder. Bij het afscheid had mijn schoondochter me de koekjes, die ze zelf had gebakken, meegegeven en die lieve attentie weerhield me ervan mijn toevlucht te nemen tot snoepautomaten en croissants (want broodjes koop ik niet sinds ze met sla en ‘smos’ zijn belegd en niet gewoon met kaas of ham). De koekjes, plat en wat grillig van vorm, waren zo lekker dat ik ze mondjesmaat savoureerde terwijl ik in alle rust zat te lezen.

Ideaal voor onderweg, wist ik voortaan. ‘Maar in recepten voor bloemkoolkoekjes staat meel’, rapporteerde ik coach Ann. ‘Amandelmeel mag’, zei ze, en binnen de kortste keren stond ik (bij afwezigheid van mijn man) met een schort voor in de keuken, amandelmeel in de aanslag. Omdat volgens mijn schoondochter bloemkoolkoekjes gemakkelijk te maken waren, had ik haar niet eens om haar recept gevraagd en ging ik aan de slag met het eenvoudigste recept dat ik had gevonden: bloemkool koken, prakken, kruiden en eieren erbij en in plaats van ‘25 gr. bloem’ mijn notenmeel, balletjes maken en die platdrukken terwijl ze in hete olie goudbruin bakken. Ik zag het al terwijl ik aan het mengen was: hier waren geen balletjes van te maken, dit waren allesbehalve potentiële koekjes. En kwaad om mijn eigen keukendomheid, kapte ik de brij in de WC. Annemie Struyf heeft verdorie een vriendin die haar groentekoekjes meegeeft voor onderweg, dacht ik afgunstig.

Maar zie, ik heb een dochter die haar moeder al eens kookles geeft. Lotte vond een Engels recept voor bloemkoolkoekjes met – uitdrukkelijk – amandelmeel als ingrediënt, geen koken of prakken, bloemkool verpulveren in de robot, bakken met een pepertje en spekjes, amandelmeel en ei erbij, kruiden; ik stond erbij en ik keek ernaar en het leek me de eenvoud zelve. Mengsel in geoliede bakvorm voor cakejes, de oven in en na een half uur eruit, goudbruine bloemkoolcupcakes. Ik nam er gisteren drie mee voor onderweg, met een yoghurtdipsausje erbij. Best lekker, maar anders van vorm en smaak dan de new yorkse, en zonder de dip wat flauw. Volgende keer steviger kruiden, raadt Lotte me aan. Zal ik doen, en ik neem me ook voor nog andere groentekoekjes te proberen. Maar misschien, overweeg ik, is het ‘toen, daar’ van iets extra lekker niet voor niets tijd- en plaatsgebonden en wie weet welk mooi boek (dat ik me anders niet herinner) bracht de bloemkoolkoekjes in JFK mee op smaak.

Dit is de laatste dag van maand 2; vandaag kookt mijn man en hang ik de was te drogen in de zon.