Jongeren: ‘Facebook moet sneller ingrijpen bij aanstootgevende inhoud’
Foto: REUTERS

Jongeren willen dat Facebook zijn netwerk automatisch zou scannen op aanstootgevende inhoud en sneller ingrijpt. De jongeren willen ook dat ernstige situaties, zoals haatpagina’s of naaktfoto’s, sneller worden opgespoord. Dat blijkt uit een studie van de Universiteit Antwerpen.

Eerder deze week kondigde Facebook aan dat het zijn richtlijnen transparanter heeft geformuleerd om onbegrip bij gebruikers rond geblokkeerde inhoud tegen te gaan. Daarbij maakte Facebook meteen duidelijk dat het niet van plan is om zijn netwerk automatisch te scannen op aanstootgevende inhoud. Nochtans zouden jongeren in bepaalde gevallen zo’n automatische aanpak wel wenselijk vinden, blijkt uit de recente studie uitgevoerd door Kathleen Van Royen, professor Heidi Vandebosch en professor Karolien Poels van de UA.

Het onderzoek werd uitgevoerd bij focusgroepen met 66 Vlaamse jongeren tussen 12 en 18 jaar oud. ‘Het handmatig beoordelen van meldingen kan enige tijd in beslag nemen. Daardoor kan kwetsende inhoud wijdverspreid geraken vooraleer men uiteindelijk ingrijpt. Dat is nu net waar jongeren zich zorgen over maken’, legt Van Royen uit.

De bevraagde jongeren willen bovendien dat ernstige situaties, zoals haatpagina’s, naaktfoto’s of nepprofielen, sneller worden opgespoord.

‘Dat kan bijvoorbeeld door automatische detectiesystemen. Dergelijke technieken kunnen automatisch via beeld- en woordherkenning gevallen van cyberpesten en andere ongewenste berichten opsporen’, aldus Van Royen.

Jongeren verkiezen in het geval van een haatpagina of naaktfoto zelfs dat deze systemen proactief worden ingezet om de inhoud tegen te houden nog vóór deze kan worden opgeladen.

‘Bovendien zijn jongeren misnoegd over het meldingssysteem omdat er vaak zelfs helemaal géén reactie volgt op hun meldingen’, besluit Van Royen.