Pijnlijke ironie
Tom Naegels

Informatie zelf is vrij, maar de vorm waarin die informatie wordt gepresenteerd, mag niet worden gekopieerd, benadrukt Tom Naegels.

De pijnlijke ironie wil dat er, uitgerekend op de dag waarop de papieren De Standaard opende met het nieuws over de veroordeling van Luc Tuymans, een geplagieerd artikel in dS Avond van 21 januari verscheen. Het interactieve stuk ‘Het blauwe boekje van de Amerikaanse luchtmacht’, over het onderzoek naar dertig jaar UFO-waarnemingen in de VS, was een letterlijke vertaling, zonder toestemming, van ‘The Best Photos Of ‘UFOs’ We Found In The Newly-Released Project Blue Book Collection’, een dag eerder verschenen op de Amerikaanse nieuwssite Digg.com.

Het is niet de eerste keer dat dat gebeurt, al gebeurt het gelukkig ook niet vaak. De laatste keer dat ik over plagiaat schreef (DS 26 maart 2014 ) meldde ik dat ik, behalve het geval waar mijn column toen over ging, twee eerdere cases behandeld had. In tussentijd zijn er daar vier bijgekomen. In een artikel van de sportredactie, ‘Alleen Federer, Nadal en Djokovic beter dan David Goffin’ (DS 22 oktober 2014) bleken stukken vertaald uit ‘Can David Goffin keep winning?’ van de Amerikaanse datanieuwssite FiveThirtyEight. Op 4 augustus 2014 verscheen op DS OnlineZo zorgen restaurants ervoor dat we meer uitgeven’ – grotendeels gekopieerd uit The Observer: Sneaky tricks of the restaurant trade and how to avoid forking out too much. Het overzicht van de partijen waarmee de N-VA in één Europese fractie zou zitten (‘De nieuwe collega’s van N-VA’, dS Avond 19 juni 2014) bevatte acht passages die gekopieerd bleken van de site van de Europese fractie van de Nederlandse christelijke partijen ChristenUnie en SGP: ‘Welke partijen zitten in de ECR-fractie per 12 juni 2014?’ (Ook al is die tekst wellicht niet auteursrechtelijk beschermd, het blijft not done.) En dan was er dit stuk.

Wat opvalt, is dat de redacteurs in kwestie zich er meestal niet van bewust waren dat het niet mocht. In alle gevallen ging het om journalisten die nieuw zijn op de redactie, erg jong en pas in het vak, of eigenlijk geen schrijvend journalist – zoals in dit geval. ‘Ik ben de grafische redacteur van dSAvond’, vertelt Bart De Neve, die het stuk over de UFO’s vertaalde. ‘Dat betekent dat ik verhalen in een visueel interessante en interactieve vorm steek. Ik maak daarvoor webpagina’s, fotobewerkingen, illustraties, infografieken en kaarten. Mijn naam staat dus meestal naast die van de schrijver van het artikel. Maar soms is er geen schrijvende journalist vrij, en dan moeten we zelf de tekst verzorgen. Dat was hier ook het geval. Toen ik woensdagochtend de opdracht kreeg een interactief stuk te maken over dat Project Blue Book, kon ik onmogelijk de 130.000 pagina’s van het dossier doornemen, dus kreeg ik twee sites waarop ik me kon baseren: Project Blue Book zelf, waar ik naar heb gelinkt, en Digg. Van die laatste heb ik een selectie van de foto’s gekozen, en de onderschriften erbij vertaald. Verder heb ik me vooral beziggehouden met de visuele en interactieve uitwerking van het stuk. Ik ben boos op mezelf dat ik Digg niet als bron heb vermeld. Maar ik heb het stuk ondertekend als grafisch redacteur, niet als auteur, al begrijp ik dat lezers dat onderscheid niet maken.’

De krant was zich ervan bewust dat er een fout was gemaakt, en heeft de volgende dag, achteraan in dS Avond, een rechtzetting geplaatst. Vergeleken met de ruimte die rechtzettingen normaal innemen was dat een grote, waarin expliciet werd gesteld dat ‘een en ander is misgelopen’. En net als De Neve stelt ze dat er een bronvermelding naar Digg bij had moeten staan. Maar eigenlijk is dat niet juist. Een bronvermelding dient om de herkomst van informatie aan te wijzen – het is een erkenning van het feit dat een ander medium eerst was met het nieuws, of eventueel van het feit dat er nog enige onzekerheid over bestaat. ‘Er zou een bom ontploft zijn in het centrum van Bagdad. Dat schrijft The Guardian.’ Dat is een bronvermelding. Maar dan nog hoort het nog steeds niet om dat hele artikel van The Guardian vervolgens letterlijk over te schrijven. Daarvoor is er voorafgaandelijk toestemming nodig. En dan staat er een copyright-vermelding bij, geen bronvermelding.

Als een krant zijn kolommen openstelt voor een dagenlang plagiaatdebat over een foto van een van de eigen fotografen, verschenen in de eigen kolommen, die door een wereldberoemd kunstenaar werd gebruikt als basis van een schilderij, dan is het maar fair dat plagiaat door eigen redacteurs even duidelijk wordt veroordeeld. Daarom kom ik er hier op terug, ook al is er al een rechtzetting verschenen. Graag geef ik ook nog het heldere, eenvoudige principe mee, voor iedereen die er zijn voordeel mee wil doen. Informatie zelf is vrij. Maar de vorm waarin die informatie wordt gepresenteerd – in het geval van tekst de formuleringen, de grapjes die erbij worden gemaakt, de beeldspraak, de titel, de sfeerbeschrijvingen, alles wat die tekst uniek maakt – mag niet worden gekopieerd. Zelfs een klein stukje is al plagiaat.

Wel geruststellend vind ik dat lezers er telkens op uitkomen. Zelf lees ik niet iedere dag Digg.com of FiveThirty­Eight. Maar onder de lezers zitten er altijd wel een paar die dat wel doen. Ik dank hen hartelijk voor hun alertheid.

De ombudsman houdt de redactie van De Standaard wekelijks een spiegel voor. Opmerkingen over journalistiek in De Standaard kan u melden via ombudsman@standaard.be en via www.standaard.be/ombudsman, waar u ook links vindt naar zijn Facebook- en Twitterpagina (@OmbudsDS)

Correctie. Dit artikel werd aangepast op 28 januari 2015. FiveThirtyEightSports is geen zelfstandige sportblog, maar een onderdeel van de datanieuwssite FiveThirtyEight.