Is De Werkbond een mantelorganisatie van Open VLD?
Tom Naegels

Met initiatieven op sociale media is het uitkijken, schrijft Tom Naegels. Niet alleen zijn ze dikwijls minder ‘grassroots’ dan ze zelf beweren, ook hun ledenaantallen zijn te relativeren.

Een staking zoals die van afgelopen maandag is ook een propaganda-oorlog, een strijd om de grondstroom. Hoeveel werknemers ‘bewust’ zijn gaan werken wordt daarin een even belangrijke vraag als hoeveel er gestaakt hebben. Vroeger was die eerste groep de donkere materie van het sociale conflict: je kende ze alleen door het aantal stakers af te trekken van de totale werkende bevolking, waarna het verschil kon worden ingezet in uitspraken als: ‘In 94 procent van onze Vlaamse kmo’s werd door de werknemers niet gestaakt.’ (Karel Van Eetvelt, na de eerste nationale ABVV-staking tegen het Generatiepact van de regering-Verhofstadt, 8 oktober 2005)

Sinds de doorbraak van de sociale media zijn er echter nieuwe manieren waarop mensen kunnen laten weten dat ze het oneens zijn met de staking, en waarop je ook meteen kunt tellen hoeveel het met hen eens zijn. De bewuste werkwilligen hebben dan ook sinds enkele jaren hun vaste plaats gevonden in de berichtgeving. Zo was er in de aanloop naar de nationale staking in 2012 aandacht voor een Facebookbrief van Students for Liberty (12.000 likes), en gemeesmuil onder de titel ‘Twitter-actie keert zich tegen ABVV’ (26 januari 2012). Zowel bij de nationale betoging in november als maandag verschenen er artikels over het trending-zijn van #IkWerkVandaag. En in het stuk ‘Niet-stakers organiseren zich’ belichtte deze krant drie Facebookgroepen met elk een paar tienduizenden volgers: ‘Wij staken niet mee’, ‘Je travaillerai’ en ‘De Werkbond’ (DS 12 december) .

Enkele jongeren?

Het is over die laatste dat een lezer me contacteerde. Die Werkbond, zo schreef hij, werd in de Vlaamse media steevast beschreven als het initiatief van ‘enkele jongeren’, van wie de voorzitter toevallig ook voorzitter was van Jong VLD. Maar daarmee werd de waarheid geweld aangedaan. Alle dertien stichtende leden van De Werkbond zijn immers lid of bestuurslid van Jong VLD. Sterker, de url van de site staat geregistreerd op het adres van het partijhoofdkwartier van Open VLD, en het telefoonnummer dat daar staat vermeld, is ook dat van Open VLD. Ergo, concludeert de lezer, is De Werkbond geen spontane burgerbeweging van ‘enkele jongeren’ – het gaat om een regeringspartij die een spontane burgerbeweging verzonnen heeft.

Ik heb het gecontroleerd en de lezer heeft gelijk: de banden met Jong VLD zijn zo sterk dat het onzinnig is te doen alsof dit een grassroots burgerinitiatief is. Voorzitter Bert Schelfhout, tevens dus voorzitter van Jong VLD, ontkent dat ook niet: ‘We zijn een dag oud en zijn inderdaad vertrokken vanuit Jong VLD’, zegt hij in dS Avond (‘De vakbonden zijn blijven steken in de vorige eeuw’, 10 december.) ‘Maar we willen snel loskomen van de politiek en op eigen benen staan. In de tweede week van januari houden we een bestuursverkiezing onder onze leden en zij duiden een nieuwe voorzitter aan. Natuurlijk willen we dat er dan niet alleen jonge liberalen in het bestuur zitten.’ Mooie toekomstplannen, maar laten we die verkiezingen maar eerst afwachten, denk ik dan. Als ze er al komen nu de staking achter de rug is. Tot dan blijven ze voor mij gewoon Jong VLD.

Nu heeft De Standaard dat ook wel geschreven. In bovenstaand stuk uit dS Avond staat bij ‘enkele jongeren’ tussen haakjes: ‘vooral van de jongerenafdeling van Open VLD waar Schelfhout voorzitter van is’, en vrijdag las ik: ‘Ikzelf en de meeste initiatiefnemers zijn lid van Jong VLD, maar onze leden zijn heel divers.’ In het stuk ‘De “Werkbond”, voor alle mensen die willen werken’ (DS Online 10 december) werd het wel onvoldoende benadrukt. Maar goed: zó veel aandacht heeft die Werkbond in deze krant ook niet gekregen: drie stukken.

Als ik de volledige mediaverslaggeving bekijk, begrijp ik niettemin wel wat de lezer bedoelt. Alles opgeteld hebben alle Vlaamse (en Nederlandse) media ruim aandacht besteed aan deze succesvolle promo-actie van Jong VLD. De Volkskrant noemde hen ‘een vakbond voor wie wil werken’ zonder meer (15 december), Knack.be noemde hen ‘een bond die werknemers die werken, vertegenwoordigt’ en op 10 december ‘een aantal jongeren’ die met ‘een tegenhanger’ van de vakbonden ‘op de proppen komen’. Bij NRC Handelsblad werden ze ‘Belgen die oproepen juist wel te gaan werken vandaag’. Op de radio hoorde ik maandag voortdurend verwijzingen naar het aantal mensen dat zich (gratis, middels het invullen van vier regeltjes) online ingeschreven had, mensen die consequent ‘leden’ werden genoemd.

Aandachtspunt

Voor journalisten is het een aandachtspunt. Initiatieven op de sociale media zijn zeker nieuwswaardig: ze kunnen tonen wat er leeft bij een groep mensen die geen andere vertegenwoordigers hebben. Maar dat laatste is dan wel van belang: grote institutionele spelers hébben al kanalen. Het hoort niet als zij zich voordoen als méér grassroots dan ze zijn. En het is zo gemakkelijk om op Facebook iets te liken, dat de hoeveelheid likes ook best gerelativeerd wordt. De Werkbond heeft 25.000 likes. Dat zijn er 5.000 minder dan ‘stop de paardenbeul’, een petitie voor het opsporen van paardenbeulen in Vlaanderen en Nederland. Het is de helft van Zet die ploat af, een satirische community over Bart De Wever. En het zijn er 150.000 minder dan de Facebook-pagina van het VTM-programma Safety first.

Tot slot, Karel Van Eetvelts ‘94 procent heeft niet gestaakt’ in gedachten: 80 procent van de Vlamingen tussen de 12 en de 79 jaar zit op Facebook. U mag zelf uitrekenen welk percentage daarvan de pagina van de Werkbond níét heeft geliket.

Correctie. Dit artikel werd aangepast op 18 december 2014. De twee citaten die aan Knack werden toegeschreven, zijn afkomstig van knack.be - ze stonden dus op de website en niet in het papieren blad.

Aanvulling, 18 december 2014. De staking was ook een propaganda-oorlog, schreef ik hierboven, en dus was het te voorspellen dat ook dit stukje brandstof zou worden in de ideologische strijd. Nogal wat lezers verweten me dat ik enkel De Werkbond ‘ontmaskerde’, en niet voor tegengewicht had gezorgd door passages in te lassen over burgerinitiatieven die populair zijn aan de andere kant van de breuklijn. De klimaat-BV's bijvoorbeeld die de Vlaamse regering een proces willen aandoen, of Hart Boven Hard. Volgens die lezers zijn deze initiatieven evenmin ‘spontaan’ of ‘van onderuit’ gegroeid.

Over Hart Boven Hard circuleerde gisteren op Twitter en Facebook een screenshot, waaruit bleek dat de url hartbovenhard.be al op 28 maart 2014 geregistreerd was, ruim voor de verkiezingen dus, en dat het postadres dat bij die registratie vermeld stond, ook het postadres van het ACV en van beweging.net was. (Ook Yves Desmet schreef er vandaag in De Morgen zijn commentaar over.)

Dat leek inderdaad in tegenspraak te zijn met wat bijvoorbeeld dSAvond op 8 december schreef:

Even terugspoelen naar midden augustus, toen de besparingsplannen van de Vlaamse regering begonnen uit te lekken. Cultuurjournalist Wouter Hillaert en uitgever Hugo Franssen stuurden toen naar het brede middenveld een mail met de titel ‘uitnodiging inzake plannen Vlaamse regering’. Heel wat mensen en organisaties - van jeugdbewegingen tot vakbonden en cultuurhuizen - voelden zich aangesproken en sloegen aan het vergaderen.

Als de organisatie al voor de verkiezingen bestond, en bovendien opgericht was door een institutionele belangenbehartiger die vervolgens de indruk wekt dat ‘eenvoudige burgers’ het voortouw genomen hebben, dan zou dat – parallel met wat er met De Werkbond is gebeurd - inderdaad betekenen dat de krant misleid is geweest.

Ik heb Wouter Hillaert - die overigens freelance theaterrecensies schrijft voor De Standaard, het had er in de stukken over Hart boven Hard als een disclosure bij moeten staan vind ik - en Bart Verhaeghe, beleidsmedewerker van domeinnaamhouder Samen vzw, gevraagd hoe de vork in de steel zit. Hillaert reageert dat het om oud nieuws gaat: op 23 september schreef De Morgen al het (hele korte) stuk 'Hart boven Hard al in maart geregistreerd'. Daarin:

'De verklaring is simpel: in april hebben wij een lentetop georganiseerd met dezelfde baseline', zegt Anton Schuurmans van koepelorganisatie De Verenigde Verenigingen, dat zich achter de actie schaarde. Toen de initiatiefnemers vroegen om de slogan over te nemen, twijfelde Schuurmans niet.

Het zou dus gaan om een slogan (en een website) die eerst voor een ander doel bedacht waren, destijds ook geregistreerd werden, en daarna door de nieuwe beweging geadopteerd. Dat is ook de verklaring die op de website van Hart Boven Hard staat:

Op 6 september werd de bewegingsnaam gekozen. Een tiental suggesties had de revue gepasseerd: van “zuurstof voor mensen”, “triple AAA” tot “tegenstroom”. Maar de naam die uiteindelijk democratisch werd gekozen was “HART BOVEN HARD”. Een slogan die in het voorjaar 2014 al eens was opgedoken op het Lentecongres van ‘de Verenigde Verenigingen’, maar sindsdien stof had vergaard.

Hillaert stuurde me ook het verslag van die vergadering van 6 september 2014. Daaruit:

Voorstel Werkgroep Communicatie (10 mensen).  Ciska Hoet stelt namens de werkgroep communicatie en de stuurgroep de finale slogan en de begeleidende ideeën rond collectieve communicatie voor. De slogans die het niet geworden zijn, maar die wel bruikbaar lijken voor manifestaties en dergelijke: 'afbraak is geen toekomst', 'later moet beter', 'zuurstof voor mensen'. De slogans die zijn afgeschreven om diverse redenen: 'Triple AAA' (niet helder genoeg) en 'bespaar ons' (te negatief).
De uiteindelijke slogan wordt: Hart boven Hard #hartbovenhard. De slogan is eigenlijk nog belangrijker dan de naam, hij moet de lading dekken. Vorige keer bleek hier al een draagvlak voor te zijn: Het is helder en combineert een positieve boodschap met het afzetten tégen een hard beleid. We willen inclusief werken en dus niet te hard overkomen, dat is belangrijk. Hoewel het ‘wollig’ kan klinken wegen de voordelen sterker door, het is een goede slogan om mensen mee te krijgen. Bovendien is er al veel denkwerk in gekropen omdat deze slogan ooit al dienst deed bij een kleiner gelijkaardig initiatief bij ‘de Verenigde Verenigingen’. Omdat het een open slogan voor vrij gebruik is – hebben zij er geen probleem mee als we die slogan terug oppikken.
 
Dat de slogan ‘Hart Boven Hard’ inderdaad al in gebruik was voor de Lentetop van de Verenigde Verenigingen op 24 april 2014, blijkt uit aankondigingen en verslagen van dat congres die op internet nog terug te vinden zijn. Het logo was toen nog anders:

Bart Verhaeghe stuurde me ook de folder van het congres. Daaruit:

Op 24 april verwelkomen we u graag op het verkiezingsevenement van 'de Verenigde Verenigingen'. Verenigingen zijn het kloppend hart van Vlaanderen. Dagelijks zetten allerhande verenigingen zich in voor de welvaart, het welzijn en geluk van mensen. Ze maken mee de samenleving, stellen mensen centraal en vragen dat andere samenlevingsmakers dat ook doen. Zo maken verenigingen het verschil in Vlaanderen en bouwen ze aan een samenleving waar 'hart boven hard' staat. Op 24 april maken vele harten voor één keer een vuist. En we hebben u er heel graag bij. Welkom!

Het ging dus om de verkiezingsmeeting van De Verenigde Verenigingen, een koepel van tientallen Vlaamse middenveldorganisaties, waarop ze hun memorandum aan de Vlaamse partijvoorzitters overhandigden. De liberale, christelijke en socialistische vakbonden en ziekenfondsen zijn lid van De Verenigde Verenigingen, net als de Vlaamse Sportfederatie, de Bond Beter Leefmilieu, 11.11.11., de Vlaamse Jeugdraad, het Vlaams Netwerk van Verenigingen waar armen het woord nemen,... Hun kantoor is gevestigd in hetzelfde gebouw als waar beweging.net en andere organisaties van de christelijke zuil kantoor houden.

De originele documenten, van zowel de lentetop als van de oprichtingsvergadering, onderbouwen in mijn ogen het verhaal van Hillaert en Verhaeghe. Er is een link tussen de twee versies van ‘Hart boven hard’, en er zijn inhoudelijke raakvlakken, maar dat het ‘protest met voorbedachte rade’ was, zoals vele lezers elkaar op twitter en Facebook citeerden – dat er dus voor de verkiezingen al door de christelijke vakbond beslist zou zijn om na de verkiezingen protest aan te tekenen tegen besparingsplannen waar ze nog geen weet van had, en daarvoor ‘een burgerbeweging’ verzonnen heeft – wordt door de stukken tegengesproken.

Duidelijk genoeg?

Dat neemt niet weg dat Hart Boven Hard duidelijk geen pure ‘burgerbeweging’ is in de betekenis van: ‘ongebonden burgers, niet gelieerd aan een politieke partij of belangenorganisatie, die uit het niets een hele beweging rond zich verzamelen.’ De band met reeds bestaande organisaties is duidelijk. De enige vraag die een ombudsman moet beantwoorden is dan – net als bij De Werkbond – of dat door de krant voldoende duidelijk gemaakt is.  

Het eerste artikel dat ik over het initiatief terug vind, is een Belga van 15 september 2014, onder de titel “‘Hart boven hard’ gaat voor alternatieve septemberverklaring”. Daarin wordt het ‘een nieuw burgerinitiatief’ genoemd, en daarna:

'Hart boven hard' verenigt zowel kleine verenigingen als grote koepelorganisaties uit de socio-culturele wereld, de welzijnszorg, het jeugdwerk, het onderwijs en de vakbonden. 'We willen aantonen dat onze bezorgdheid heel breed wordt gedragen', zegt initiatiefnemer en cultuurjournalist Wouter Hillaert. Er werkten zo’n 50-tal organisaties mee aan de opstart, al wil Hillaert voorlopig nog geen namen geven.

De volgende dag wijdt de papieren krant vijf zinnen aan het initiatief, in de rubriek Kreten en gefluister. Daarin enkel een sceptisch: ‘Er zouden een vijftigtal organisaties meewerken aan de opstart, maar namen wil Hillaert nog niet kwijt.’

Op 22 september schrijft De Standaard Online weer over het initiatief, in ‘VRT-delegatie betoogt tegen besparingen’. Daarin luidt het: ‘Onderweg sluiten ze aan bij ‘Hart boven Hard’, het gezamenlijk initiatief van onder meer Welzijnszorg, de vakbonden en de mutualiteiten tegen de geplande besparingen.’ 

Nog 22 september, in dSAvond: ‘‘Hart boven hard’ is begonnen als internetactie in de artistieke en culturele sector, maar het initiatief wordt nu ook gedragen door enkele vredesbewegingen, milieugroeperingen, ontwikkelings- en armoedeorganisaties. De vakbonden steunen ‘Hard boven hart’ ook.’ (sic)

Gelukkig beloofde Geert Bourgeois diezelfde dag ook nog ‘begrip voor Hart boven Hard’, ‘de krachtenbundeling van het middenveld die maandag een alternatieve septemberverklaring voorstelde.’ En die verder wordt omschreven als ‘een initiatief van 340 middenveldorganisaties en 500 burgers die zich verzetten tegen de geplande besparingen van de regering-Bourgeois. Onder meer de vakbonden, de mutualiteiten en verschillende armoede-organisaties sloten zich aan.’ 

Nog citaten? (Het wordt even eentonig, maar ik wil volledig zijn.) Op 24 september heette het ‘het burgerinitiatief dat actievoert tegen de geplande besparingen van de Vlaamse regering’. In een online verslag van een parlementair debat is er sprake van ‘de verenigingen van Hart Boven Hard’,  in dSAvond van diezelfde dag werd dat ‘de sociale organisaties van’, in een interview met Pascal Gielen is er sprake van ‘het brede front van’’ , een opiniestuk spreekt over ‘de massale steun van het middenveld’. Een Belga van 27 september: ‘het gezamenlijk initiatief van onder meer vakbonden, mutualiteiten en armoede-organisaties’. Marc Reynebeau heeft het in zijn column over ‘tal van verenigingen’, op 8 december is ze in een foto-onderschrift ‘de protestbeweging’ , dat wordt enkele dagen later herhaald. En in een lange analyse in dSWeekblad onder de titel ‘De zachte sector is hard geworden’ stond: ‘Meer dan 300 sociale en culturele organisaties en een veelvoud van bezorgde burgers verzamelden zich onder de paraplu ‘Hart Boven Hard’. De linkse oppositie, SP.A en Groen, kroop er snel mee onder.’ 

Hart Boven Hard is dus geen compleet spontaan burgerinitiatief. Maar zo is het in De Standaard ook niet voorgesteld. Het wordt voorgesteld als een initiatief van het georganiseerde middenveld, en dat is het ook. 

Een essentieel verschil is hier dat het niet uitgaat van één institutionele speler. De Werkbond wel. De vergelijking met de berichtgeving over De Werkbond gaat volgens mij dus niet op.

INFO

De ombudsman houdt de redactie van De Standaard wekelijks een spiegel voor. Opmerkingen over journalistiek in De Standaard kan u melden via ombudsman@standaard.be en via www.standaard.be/ombudsman, waar u ook links vindt naar zijn Facebook- en Twitterpagina (@OmbudsDS)