‘Indexsprong negeren niet solidair’
Kurt De Loor Foto: jvw

Het initiatief van Zottegems OCMW-voorzitter Kurt De Loor (SP.A) om de indexsprong niet door te voeren voor zijn ambtenaren is niet solidair. Dat vinden de lokale afdelingen van oppositiepartijen Open VLD en N-VA. Zij willen het geld elders inzetten.

Kurt De Loor kondigde aan dat hij zijn ambtenaren volgend voorjaar hun 2 procent loonsverhoging zal geven, federale indexsprong of niet. ‘Ik doe niet mee aan die neerwaartse spiraal. Het geld voor indexering was al voorzien in onze begroting en dus voeren we dat uit.’

Open VLD en N-VA Zottegem zullen het punt toevoegen aan de agenda van de gemeenteraad. Zottegem wordt bestuurd door een coalitie van SP.A en CD&V. ‘Dit is niet enkel deloyaal tegenover coalitiepartner CD&V, het is vooral niet solidair ten opzichte van het gemeentepersoneel en de andere werknemers in onze stad’, aldus de oppositie. ‘Dit is enkel goed voor Kurt De Loor zelf. Om zich in de kijker te werken en zijn tewerkstellingsbeleid te promoten op de kap van alle Zottegemnaren.’

De oppositiepartijen willen de extra beleidsmarge van de indexsprong gebruiken om de slachtoffers van de financiële crisis te ondersteunen of om een buffer aan te leggen.

'Ook voor gemeentepersoneel'

'Drogredenen', reageert De Loor op de kritiek van de oppositiepartijen. 'In tegenstelling tot wat Open VLD en N-VA beweren, pleit ik ervoor om dit initiatief ook door te trekken voor het gemeentepersoneel', zegt De Loor. 'Ook in het Zottegems schepencollege zal ik die lijn doortrekken.' Van enige vorm van desolidarisering tussen het personeel van het OCMW en het stadspersoneel is dus helemaal geen sprake, integendeel, beweert de SP.A'er. 'Bovendien werd de indexering voorzien zowel in de meerjarenbegroting van het OCMW als in die van de gemeente. Er zijn dus middelen voor uitgetrokken.'

Ook coalitiepartner CD&V, die federaal de indexsprong wel doorvoerde, keurde de meerjarenbegroting aan het begin van de legislatuur goed. 'We voeren dus enkel uit wat toen beslist werd. Van deloyaliteit binnen de meerderheid is dus geen sprake.'