‘In Europa zijn we één van de toplanden’

Het dossier van de vluchtroutes rond Zaventem is één van de prioritaire dossiers na de verkiezingen. Dat heeft premier Elio Di Rupo maandagavond gezegd in Het Journaal op Eén. De premier zei verder ook dat zijn regering ons land opnieuw op de kaart heeft gezet.

Premier Elio Di Rupo was maandagavond te gast in het VRT-journaal. Di Rupo zou aanvankelijk in Terzake in debat gaan met N-VA-voorzitter Bart De Wever, maar hij trok zich terug omdat de VRT het debat aankondigde als een debat tussen het PS- en het N-VA-model en op die manier volgens Di Rupo meestapte in het taalgebruik van de N-VA. ‘Wij doen niet meer aan het schijngevecht,’ aldus de woordvoerder van Di Rupo op Twitter.

In Het Journaal ging Di Rupo eerst even in op de heisa die ontstaan is nadat staatssecretaris voor Mobiliteit Melchior Wathelet liet uitschijnen dat er misschien activiteiten van de luchthaven van Zaventem moeten overgeheveld worden naar Charleroi en Luik.

Di Rupo zei veel nervositeit vast te stellen bij politici in het dossier. ‘We hebben tijd nodig,’ aldus de premier. We hebben nood aan een evenwichtige oplossing die tot stand komt in een sereen klimaat, niet in een verkiezingscampagne,’ aldus Di Rupo. Di Rupo benadrukte dat de luchthaven van Zaventem een belangrijke economische functie heeft en dat er na de verkiezingen onderhandeld moet worden met alle betrokken partijen. ‘Maar na de verkiezingen is het een prioritair dossier.’

2,5 jaar Di Rupo I

Nadien ging Di Rupo dieper in op de realisaties van zijn regering. De regering Di Rupo heeft een begrotingstekort van meer dan 8 miljard achtergelaten, maar toch benadrukte Di Rupo het positieve. ‘Het belangrijkste is dat we 22 miljard euro bespaard hebben. Dat is veel geld. Voor de eerste keer hebben we een begrotingstekort onder de 3 procent. We hebben België opnieuw op de kaart gezet en onze geloofwaardigheid hersteld,’ klonk het. Maar volgens de premier zijn er wel nog extra besparingen nodig. ‘Maar we hebben tijd. Het belangrijkste is dat ons land opnieuw credibiliteit, stabiliteit en geloofwaardigheid heeft op internationaal vlak.’

Uitspraken Reynders zijn voor zijn rekening

Di Rupo reageerde ook kort op de uitspraak van MR-kopstuk Didier Reynders. Die had vorige week gezegd dat de MR een aantal ‘pestbelastingen’ mee had goedgekeurd omdat die minder voelbaar waren in Brussel en Wallonië. Bevestigt Reynders op die manier niet dat Di Rupo aan het hoofd stond van een franstalige belastingsregering.

‘Die uitspraken zijn voor zijn rekening,’ aldus Di Rupo. ‘Onze regering heeft een evenwichtig beleid gevoerd. We hebben de belasting op arbeid verlaagd, we hebben de btw niet verhoogd en de koopkracht van de mensen beschermd,’ aldus de premier, die eraan toevoegde dat de ‘franstalige belastingsregering’ een cliché is tegen hemzelf en de rest van de federale regering. ‘In Europa zijn we één van de toplanden.’

‘N-VA blokkeert ons land al voor de verkiezingen’

Di Rupo blikte ook al even vooruit wat er na 25 mei moet gebeuren. N-VA-voorzitter Bart De Wever zei de voorbije dagen meermaals dat hij eerst een regionale regering wil vormen om met de partijen uit die regering aan tafel te gaan zitten voor de vorming van een federale regering. Een voorstel dat ook in de ogen van Di Rupo geen genade vond. Volgens de premier heeft De Wever de voorbije maanden al verschillende keren iets anders gezegd over zijn plannen na 25 mei. ‘De kracht van verandering zit bij N-VA vooral in het voortdurend veranderen van het eigen programma,’ aldus Di Rupo.

Di Rupo waarschuwde ook voor de N-VA. ‘De N-VA blokkeerde ons land al in 2010 en doet het nu opnieuw voor de verkiezingen. ‘We hebben nu stabiliteit nodig, en zeker geen onzekerheid. We hebben zo snel mogelijk op alle niveaus regeringen nodig, zonder instabiliteit.’

Op de vraag of de PS in een regering met N-VA stapt, was Di Rupo duidelijk. ‘We gaan niet rond de tafel zitten om ons land of de sociale zekerheid te splitsen. Maar we zijn bereid onze verantwoordelijkheid te nemen om een stabiel land te hebben voor de mensen en voor de ondernemingen.’