‘Denken dat elke stoornis meetbaar en kwantificeerbaar is, is een stoornis’
Paul Verhaeghe. Foto: rr

In een erg ironische open brief op Facebook is klinisch psycholoog en psychoanalyticus aan de UGent Paul Verhaeghe vlijmscherp voor de recent uitgebrachte ‘DSM V’, de nieuwste diagnostische gids voor mentale stoornissen. ‘De wetenschappelijke grond is zo goed als nul.’

Het nieuwe handboek voor de psychiatrie, de ‘DSM V’, wil ‘alle’ psychische stoornissen oplijsten. Critici verwijten de DSM labels te kleven, psychische stoornissen te verzinnen en tot overconsumptie van medicijnen te leiden. Prof. dr. Paul Verhaeghe, psycholoog, auteur en voorzitter van de vakgroep Psychoanalyse en Raadplegingspsychologie aan de Gentse universiteit, is zo’n criticus. In een scherpe open brief op Facebook wijst hij er met een stevige kwinkslag op hoe de gebruikers van de ‘DSM V’ zelf als gestoord kunnen gezien worden.

‘De nieuwste editie van het meest gebruikte classificatiesysteem in de psychiatrie, de zogenaamde DSM 5.0 is ondertussen op de markt. De wetenschappelijke grond daarvan is zo goed als nul, maar toch wordt het overal gebruikt.’ Verhaeghe wijst erop dat er ‘meer dan honderd nieuwe “stoornissen” bijgekomen’ zijn. Zo is rouwen voortaan een vorm van depressie en zijn vrouwen door menstruatie psychisch gestoord. ‘Laat maar komen die pil’, klinkt het spottend.

Pie ie ie die

Maar de auteurs van het werk hebben volgens Verhaeghe een belangrijke stoornis over het hoofd gezien, ‘een stoornis die zo wijd verbreid is dat ik vrees voor een epidemie. Vandaar dat ik meteen een aanvulling voorstel voor editie DSM 5.1. Binnen de huidige trend naar debiliteitsbevorderende afkortingen benoem ik dit nieuw label als PEED (uit te spreken als pie ie ie die), wat staat voor Pseudo-Efficiency and Effectivity Disorder.’

Er zijn vijf kenmerken waaraan je een PEED-patiënt volgens Verhaeghe kunt herkennen:

  • Betrokkene lijdt aan het waanidee dat alles meetbaar en kwantificeerbaar is en produceert agressieve uitvallen wanneer hij op dit punt terecht gewezen wordt.
  • Betrokkene lijdt aan registratiedwang, waarbij hij vooral gedrag en kenmerken van anderen wil registreren; slechts bij hoge uitzondering past betrokkene dit ook op zichzelf toe.
  • Betrokkene is zeer gevoelig voor veranderingen en eist een volledig voorspelbare en gestandaardiseerde omgeving; zelfs banale variaties lokken angst- en/of woede-aanvallen uit. (Dit geldt niet voor de vele wijzigingen die hij zelf invoert.)
  • Het taalgebruik van de betrokkene wordt in toenemende mate onbegrijpelijk, en verwijst niet meer naar een herkenbare realiteit.
  • Betrokkene lijdt aan grootheidswaanzin en is ervan overtuigd dat de organisatie waartoe hij behoort, door zijn toedoen alleen maar beter wordt.

‘Deze stoornis behoort tot de ruimere groep van angststoornissen, is in hoge mate besmettelijk en in alle gevallen schadelijk voor de omgeving. Bij ernstige gevallen dient euthanasie in overweging genomen te worden’, concludeert de professor scherp.