Vijf VN-agentschappen slaken gezamenlijke noodkreet over humanitair drama
Foto: AFP

Vijf VN-agentschappen hebben woensdag in een gezamenlijke verklaring een noodkreet geslaakt over het dagelijks groter wordende humanitaire drama ten gevolge van de Syrische (burger)oorlog. Een eerdere ruk aan de alarmbel een jaar geleden leverde bitter weinig op, klinkt het.

De oorlog in Syrië ging in maart zijn vierde jaar in en eiste in drie jaar tijd meer dan 150.000 mensenlevens. In totaal zijn in Syrië meer dan 9.3 miljoen mensen getroffen door de oorlog, 3,5 miljoen burgers wonen in belegerd gebied of kunnen niet bereikt worden.

Een gezamenlijke verklaring van VN-agentschappen is vrij ongewoon en duidt op de immense omvang van het humanitaire drama dat zich in Syrië voltrekt. Zo schrijft UNICEF België in een begeleidend bericht bij de verklaring. Deze laatste is ondertekend door de hoofden van: het VN-bureau voor humanitaire zaken (OCHA), het Hoge Commissariaat voor de vluchtelingen (UNHCR), het Wereldvoedselprogramma (WFP), UNICEF en de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).

De vijf VN-agentschappen schrijven dat de oorlog nog toeneemt in intensiteit, waardoor de humanitaire problemen enkel maar groter worden. In Aleppo en omgeving alleen al hebben meer dan één miljoen mensen dringende hulp, waaronder eten, nodig. Op een bevolking van ongeveer 2,5 miljoen blijven er in de regio nog veertig dokters over. Het waren er ooit meer dan 2.000.

Aanvoerwegen, zoals de belangrijke verkeersader tussen Damascus en Aleppo, zijn vaak geblokkeerd door gewapende groepen aan beide zijden van het conflict, en al te vaak ontzeggen deze ook humanitaire organisaties de toegang tot conflictgebieden. Een derde van alle Syrische waterzuiveringsstations werkt bovendien niet meer en twee derde van de gezondheidscentra ligt in puin. Het lijkt alsof de onschuldige Syrische burgers overleven op louter moed, schrijven de VN-agentschappen.

Ze roepen alle oorlogspartijen op om humanitaire hulp overal onvoorwaardelijk toe te laten en het belegeren van burgers (onder meer in Aleppo, Homs en Yarmouk) te stoppen.

Ook de internationale gemeenschap moet dringend meer inspanningen leveren. In december vorig jaar vroeg de VN 6,5 miljard dollar om tegemoet te kunnen komen aan de noden van de Syrische vluchtelingen en burgers in nood. Op een donorconferentie in januari in Koeweit zegden donorlanden daar in totaal slechts iets meer dan een derde, 2,4 miljard dollar, van toe.