Oeso: ‘Waarom subsidieert België élke vorm van vervoer?’
Foto: BELGA

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso) haalt de manier waarop het mobiliteitsbeleid in België wordt gevoerd volledig onderuit. Dat bleek na een hoorzitting met Jens Hoj, België-specialist bij de Oeso, in de Mobiliteitscommissie van het Vlaams parlement. Minister Hilde Crevits trok onlangs naar Parijs om haar beleid te verduidelijken, maar dat kon de organisatie niet overtuigen.

De Oeso-specialist had welgeteld twee uur nodig om het gehele Belgische mobiliteitsbeleid te fileren. ‘Waarom nemen zoveel mensen de auto of de trein? Omdat je hen betaalt om dat te doen’, luidde de samenvatting. ‘Als ik aan buitenlanders vertel hoeveel België uitgeeft aan vervoerssubsidies, geloven ze mij niet.’

Jens Hoj snapt niet dat het gebruik van de personenwagen wordt aangemoedigd met de regeling voor bedrijfsauto’s. De recente aanpassing van dat systeem is volgens hem een druppel op een hete plaat. ‘Niemand slaat een dikke BMW af als hem dat nauwelijks 2.500 euro per jaar kost.’

‘Werk samen met scholen’

Ook over de prijs van het spoorverkeer wordt volgens Hoj niet nagedacht. ‘Een treinticket moet duurder zijn in de spits, want het spoor zit aan zijn maximumcapaciteit’, zegt hij. ‘Wat is bovendien de economische meerwaarde van bijvoorbeeld werknemers en studenten die op hetzelfde tijdstip de trein nemen? Werk samen met de scholen!’

Hoj gaf donderdag toelichting bij het lijvige Oeso-rapport dat vorig jaar al aan de regeringen werd overgemaakt en kreeg intussen bezoek van minister Crevits. ‘Ze kwam uiteenzetten dat Vlaanderen een systeem van rekeningrijden bestudeert, maar dat zal volgens ons weinig tot niets bijdragen’, zegt de expert. ‘Een goede taxatie moet gedifferentieerd zijn naar plaats en tijdstip. Anders zal je nooit de files oplossen, maar enkel de schatkist spijzen.’