Filmpje verkeersagressie mogelijk geen geldig bewijsmateriaal

Al duizenden keren zijn de beelden van de wegpiraat op de E314 gedeeld. Het ‘slachtoffer’ Chris Verhaegen postte een video van het incident op Facebook, wat meteen leidde tot een klopjacht op de dader. Kan dat zomaar? Matthias Dobbelaere, gespecialiseerd in ICT-recht, heeft zo zijn bedenkingen.

De video van de wegpiraat werd bestuurder Chris Verhaegen enkele dagen na de feiten, op 31 december 2013, online gezet. Hij filmde het incident met zijn dashboardcamera, gekregen voor Kerstmis. 

‘Ik vind de evolutie van dashboardcamera’s heel treurig, we zijn Rusland niet’, vertelde Matthias Dobbelaere, jurist gespecialiseerd in ICT-recht in Hautekiet op Radio 1. ‘Het gaat ook vooral over de publicatie van het filmpje. Het slachtoffer had met het filmpje naar de politie moeten stappen. Die had de feiten ook zonder de hele Facebook-hetze ernstig genomen.'

De vraag rijst ook of het filmpje in een mogelijke rechtszaak wel juridisch geldig is. Dat het slachtoffer de nummerplaat van de wegpiraat duidelijk in beeld bracht, is mogelijk een inbreuk op de privacywet. En dat kan tot problemen leiden. De ‘dader’, die in commentaren onder de video bij naam wordt genoemd, kan een klacht indienen omdat hij zowel morele als economische reputatieschade oploopt. ‘De gevolgen die zo’n dergelijke publieke lynchpartij met zich meebrengt, zijn vaak niet min’, schrijft Dobbelaere op een blog .

'Betrouwbaarheid is moeilijk te checken'

Een filmpje zoals dat van Chris Verhaegen is toelaatbaar in een rechtszaak, op voorwaarde dat het betrouwbaar is. En ook daar wringt het schoentje. Het filmpje draagt de datumstempel ‘24/01/2013’, wat niet overeenkomt met de bewering van Verhaegen dat de feiten zich op de laatste dag van 2013 afspeelden. Verhaegen zegt zelf dat de datum nog niet was aangepast omdat hij de camera nog maar net had gekregen. 

Bovendien is er geknipt in het filmpje, wat meteen leidt tot de vraag ‘Kan dit filmpje ook vals zijn’? ‘De betrouwbaarheid van een filmpje van een burger is moeilijk te checken. Het kan inderdaad nagemaakt zijn. Dus ik betreur dat het zo impulsief gebeurd is. De burger moet het recht niet in eigen handen nemen’, besluit Dobbelaere.