Sinds de ramp in de kerncentrale van Fukushima voert het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) systematisch controle uit op voedingswaren afkomstig uit Japan. Tot nu toe diende nog maar één zending van vis te worden vernietigd. Dat blijkt uit het antwoord van minister Sabine Laruelle (MR) op een schriftelijke vraag van Sabine Vermeulen (N-VA).

De uit Japan ingevoerde voedselproducten moeten vergezeld zijn van een verklaring waarin bevestigd wordt dat ze in overeenstemming zijn met de EU-voorschriften wat radioactiviteit betreft. Als ze uit het risicogebied komen moet er bovendien een analyseverslag aanwezig zijn waarin bevestigd wordt dat de normen van radioactief cesium nageleefd worden.

In 2011 werd op basis van de controleresultaten van deze documenten één zending vis vernietigd.

Daarnaast voert het FAVV een laboratoriumanalyse uit op de aanwezigheid van cesium-134 en cesium-137 op ten minste 5 procent van de zendingen. In 2011 en 2012 werden eveneens analyses verricht op jodium-131, maar sindsdien legt de EU deze niet meer op.

In ons land werden in 2011 in totaal 91 monsters geanalyseerd, in 2012 103 en in de eerste trimester van 2013 36. Alle resultaten bleken conform met de EU-uitvoeringsverordening van de Commissie van 26/10/2012.