Kristel gaat  wel heel vreemd
‘Dat Waterloos pas na haar honderdste vooringenomen vraag op tegenstand stuit, pleit in het voordeel van de Roma.’ Foto: vier

De manier waarop Kristel Waterloos in het Vier-programma ‘Kristel gaat vreemd’ een rondje wij-zijdenken oproept, gaat Gaea Schoeters te ver. Je vooroordelen op zo’n flagrante manier in je vragen laten sluipen, is journalistiek onverantwoord.

Wie? Gaea Schoeters, journalist, scenarist en auteur.

Wat? De Roma betalen het gelag voor een mislukte reportage.

‘Ik heb plots zin om 12-jarigen in mekaar te slaan! #kristelgaatvreemd’

‘Alle vooroordelen worden helaas bevestigd: OCMW zwartwerk diefstal lui “ziek” “invaliditeit” #zigeuners’

‘Bij de roma’s leren ze “des flamands sont des rascistes” i.p.v. “Maan, vis en roos’” Echt schreinend.’

De inhoud van deze tweets laat ik voor rekening van hun bedenkers, net zoals de schrijnende taalfout in de laatste. Maar is dat nu werkelijk wat Vier wilde bereiken met zijn uitzending over zigeuners? En waar ging het fout?

De opzet van het programma is simpel: om zich een beter beeld te kunnen vormen van een groep of gemeenschap waar de gemiddelde vrouw, in casu Kristel Waterloos, normaal gezien niet komt, gaat ze er een weekje wonen. Prima idee. Maar wat gemeenschappen dichter bij elkaar moest brengen, verzandde in een rondje wij-zijdenken. De naïviteit van haar voorgangster Annemie Struyf was vaak tenenkrullend, maar ze kwam wel voort uit oprechte nieuwsgierigheid. De vooroordelen die Waterloos rondstrooit, zijn journalistiek onverantwoord. Ik heb geturfd. Meer dan negentig procent van de vragen is negatief geformuleerd. Niet ‘wat vind je ervan dat…’ maar ‘vind je het niet abnormaal dat…’, niet ‘ga je een rondje rijden?’ maar ‘ga je hard rijden?’, niet ‘zijn er hier ooit problemen?’ maar ‘wat doen ze hier dat illegaal is?’

Even flagrant zijn de niet-gestelde vragen. Nooit wordt er gevraagd naar het waarom. Na de beschuldiging volgt het zwijgen. Komt het toch tot een gesprek, bijvoorbeeld over het huwelijk, wordt ook dat afgebroken. ‘En als uw dochter lesbisch was?’ Wie die vraag stelt in een uiterst traditionele gemeenschap, weet op voorhand wat het antwoord wordt. Bovendien vertrekt de vraag vanuit de overtuiging dat je eigen waardesysteem superieur is, iets wat zelden bijdraagt tot een beter begrip.

Journalistiek vereist een dialoog tussen twee partijen. Hier was er nauwelijks sprake van contact. Noch de zigeuners, noch de reporter kwam voorbij de eigen vooroordelen. Er was geen gesprek, geen analyse, geen begrip. Wat hier getoond werd, was een mislukte reportage, waarvoor de Roma het gelag betalen. Want het hele programma was één selffulfilling prophecy, die uitdraaide op iets wat op voorhand al lang vaststond, en wat de kunstmatige vrolijke noot aan het einde niet meer kon goedmaken: zigeuners zijn oerconservatieve, onaangepaste, antisociale profiteurs die het niet te nauw nemen met de regels.

Toogpraat oogst toogpraat

Niets is makkelijker dan een vooroordeel bevestigen. Draai een reportage in Molenbeek om te bewijzen dat jongeren daar je camera in elkaar slaan, en dat lukt. Draai een reportage om het omgekeerde te bewijzen, en ook dat lukt. (Ik weet waarover ik praat, ik heb daar al gestaan.)

Louis Theroux ging in zijn Weird Weekends langs bij de racistische Boerengemeenschappen in Zuid-Afrika. Hij was evenzeer welkom bij de straatbendes van Philadelphia, nochtans ook niet tuk op camera’s, de meth-heads in Fresno en zelfs de neonazi’s. Meer nog: het kwam zelfs tot een gesprek. Niet omdat hij alles goedkeurde wat hij zag, maar hij probeerde wel de ander te begrijpen, hoe ver diens leefwereld ook van de zijne afstond. Dat Kristel pas na haar honderdste vooringenomen vraag op (bescheiden) tegenstand stuit, pleit in het voordeel van de Roma. Ik had haar eerder de deur gewezen.

Als je reportages wil maken in gemeenschappen waarvan algemeen geweten is dat ze moeilijk toegankelijk zijn en (blijkbaar terecht) wantrouwig ten opzichte van de media, moet je niet komen zeuren als dat mislukt, en al helemaal niet je eigen falen doorrekenen aan die gemeenschap, door het dan maar daarop te spelen en in je caravan te zitten mokken omdat je je bedreigd voelt door een stelletje pubers.

Toogpraat is wat het is, en toogpraat is wat het oogst, zo blijkt uit de verzuurde reacties op de sociale media. Hapklaar voer voor populisten, want op precies dezelfde logica gestoeld: poneer een vooroordeel, bij voorkeur over een bevolkingsgroep die toch al niemand moet, bevestig het, en graaf niet dieper dan de oppervlakte. Het werkt op tv, het werkt in de politiek. En dat is, helaas, een teken van de tijd.

Ik had het kunnen weten. Kristel gaat vreemd. Want dat is wat de ander is: vreemd. En zo bekijken we hem ook: als iets wat afwijkt van het onze. Waarbij het onze het normale is. Meer nog, de norm. De dialoog houdt bij de titel al op.