Euroministers bespreken einde financiële steun voor Ierland en Spanje
Foto: AFP

De ministers van Financiën van de eurolanden hebben donderdag op een beraad in Brussel het spoedige einde van de financiële steunprogramma’s voor Spanje en Ierland besproken. Beide probleemlanden hebben volgens de ministers voldoende orde op zaken gesteld en kunnen opnieuw op eigen benen staan. ‘Een goede dag voor Europa’, oordeelde eurocommissaris voor Economische en Monetaire Zaken Olli Rehn.

Spanje stapt in januari 2014 uit het financiële programma dat vorig jaar was opgezet om de noodlijdende bankensector in het land overeind te houden. Spanje ontving ruim 40 miljard euro. Eerder op de dag had ook Ierland al bevestigd dat het midden volgende maand een punt zet achter het reddingsplan van 85 miljard euro dat drie jaar geleden was gelanceerd.

Voor de euroministers zijn Spanje en Ierland ‘levende voorbeelden’ dat de reddingsplannen succesvol kunnen zijn, op voorwaarde dat de betrokken landen het hervormingsprogramma nauwgezet volgen. Ze ondersteunen ook de beslissing van beide landen om af te zien van een financieel vangnet na de beëindiging van hun programma.

Dat de Ierse rente stabiel bleef na die aankondiging, sterkte minister Michael Noonan in de overtuiging dat zijn land er klaar voor is en zich opnieuw kan financieren op de markten. Dat zou rond eind januari of begin februari gebeuren. ‘We worden opnieuw een normaal euroland waar de regering de beslissingen neemt’, verklaarde hij donderdag in Brussel.

Griekenland blijft problematisch

Griekenland blijft intussen in het sukkelstraatje. Al sinds september onderzoeken de internationale geldschieters opnieuw de vooruitgang die het land heeft geboekt, maar het licht kan nog steeds niet op groen voor de vrijmaking van een nieuwe schijf noodhulp.

Vrijdag schuiven ook de ministers van de overige EU-lidstaten aan tafel. Op de agenda staan onderhandelingen over de afwikkeling van kapseizende banken. Duitsland blijft dwarsliggen. Ook in de strijd tegen fiscale misbruiken lijkt er geen vooruitgang mogelijk. De Luxemburgse regering neemt enkel lopende zaken waar en maakt net als Oostenrijk stappen in de richting van de opheffing van het bankgeheim afhankelijk van akkoorden met derde landen.