Leraars krijgen nieuwe instrumenten om kennis Nederlands te meten
Pascal Smet Foto: BELGA

Om de kennis van het Nederlands van hun leerlingen te testen, krijgen leraars en scholen nieuwe meetinstrumenten competenties Nederlands. De nieuwe toolkit is nu beschikbaar voor het secundair, volgend voorjaar komt er ook een voor het lager onderwijs, zegt minister Pascal Smet (SP.A).

Taalachterstand leidt tot schoolachterstand. Om tijdig taalachterstand op te merken bij leerlingen, komen er vanaf volgend schooljaar taalscreenings voor leerlingen die instappen in het basis- of secundair onderwijs. Secundaire scholen kunnen dan bijkomende verplichte lessen Nederlands opleggen voor wie taalachterstand heeft bij de overgang naar het secundair. Basisscholen kunnen leerlingen met een taalachterstand tot één jaar lang een verplicht taalbad Nederlands opleggen.

“Vandaag halen te veel leerlingen minder goede schoolresultaten, alleen omdat ze het Nederlands onvoldoende beheersen. Dat beperkt al bij voorbaat hun toekomstmogelijkheden. Daarom voerde ik de taalscreening in”, zegt minister Smet.

Om scholen en leraren te helpen bij die screenings, werkten het Centrum voor Taal en Onderwijs van de KU Leuven en het Steunpunt Diversiteit en Leren van de UGent een ‘Toolkit Breed Evalueren Competenties Nederlands’ uit voor het secundair onderwijs. Die moet helpen om de juiste evaluatiemiddelen te kiezen, maar kan scholen ook helpen om hun aanbod en aanpak in vraag te stellen. “Het is een uitstekend middel om een informatierijke omgeving te scheppen zonder dat we hiervoor een centraal examen moeten organiseren. Breed evalueren levert rijke informatie op over de leerling maar ook over de effectiviteit van het onderwijs en het leerklimaat in de klas en op school”, aldus minister Smet.