Abou Jahjah komt terug naar ons land
Foto: Photo News

Na een kleine tien jaar in Libanon te hebben gewoond, komt Dyab Abou Jahjah terug naar België. Om zijn missie voort te zetten. Dat zegt de vroegere AEL-frontman in een gesprek met De Standaard.

‘Ja’, zegt Dyab Abou Jahjah aan de telefoon in Libanon. ‘Ik kom terug in België wonen. Vrij snel, zelfs. Het is een kwestie van weken. We zijn momenteel nog op zoek naar een huis.’ De voormalige frontman van de Arabisch Europese Liga (AEL) bevestigt daarmee de berichten die hij gisterenavond via Facebook en Twitter de wereld instuurde.

Dat zijn missie in Libanon, waar hij 42 jaar geleden werd geboren, erop zit. En dat hij terugkeert naar het land waar hij ruim tien jaar geleden een paar maanden in het brandpunt van de aandacht stond. Voor sommigen was hij een tijdlang staatsvijand nummer één.

In 2000 stichtte Abou Jahjah, die als vluchteling naar België was gekomen, de Arabisch Europese Liga, die hij later ook in Nederland en Frankrijk op de kaart probeerde te zetten. Zijn missie: de achterstelling van de allochtone gemeenschap in Europa aanklagen en een bijbehorende emancipatiestrijd op gang trekken.

Toen eind 2002, na de moord op een Marokkaanse leerkracht, rellen uitbraken op de Antwerpse Turnhoutsebaan, kwam het tot een confrontatie tussen Abou Jahjah en toenmalig korpschef Luc Lamine. De liberale premier Guy Verhofstadt bestond het zelfs om in het parlement de arrestatie van de AEL-frontman aan te kondigen.

De veroordeling die Abou Jahjah opliep, omdat hij de jongeren in Borgerhout zou hebben opgehitst, werd later in hoger beroep ongedaan gemaakt.

In 2006 keerde hij terug naar zijn geboorteland. Vandaag maakt hij zich dus, samen met zijn vrouw en twee kinderen, klaar voor de terugkeer naar België. Abou Jahjah heeft naar eigen zeggen verschillende redenen om terug te keren. ‘Het is sowieso altijd de bedoeling geweest dat ik zou terugkeren naar België. Alleen gebeurt het een beetje vroeger dan gepland.’

De vroegere topman van de AEL wil zich vooral gaan bezighouden met een aantal dossiers en maatschappelijke kwesties die hij tien jaar geleden al op de agenda probeerde te zetten. ‘De problemen van achterstelling, racisme en discriminatie. Die kwesties zijn nog altijd van cruciaal belang, en er is in de praktijk helaas nog niet veel veranderd.’