Albert II
Veerle Eyckermans en Lucas Van den Eynde als koningin Paola en koning Albert Foto: © VRT - Lou Berghmans
Albert II, de eerste Vlaamse fictiereeks over ons koningshuis, had meer dan genoeg stof om een meeslepend koningsdrama met shakespeareaanse allures uit te destilleren. Helaas.

 Een bourgondische prins volgt zijn diepgelovige overleden broer met enige tegenzin op als koning. Diens oudste zoon had gehoopt op de troon, de jongste hangt de playboy uit en zijn vrouw ligt overhoop met de koningin-weduwe. En dan is er nog een kunstenares die wil dat de nieuwe koning haar officieel erkent als zijn dochter.

De eerste aflevering van de nieuwe reeks, die Eén zondagavond lanceerde, was een groteske parade van valse noten en neuzen, van dialogen die zo ongeloofwaardig waren dat je medelijden kreeg met de cast en van acteurs die zo groot speelden dat ze zichzelf met de coupe van Fabiola verwarden.

Er waren lichtpunten: Kris Cuppens was een minzame Boudewijn, Ruth Becquart zette Astrid naar haar hand op een manier die we konden geloven. Lucas Van den Eynde zette een erg warme Albert II neer, wiens psychologie dan weer niet spoorde met de koude manier waarop hij Filip buitenspel zette.

Maar zowel Laurent (Stefaan Degand) als Filip (Mathijs Scheepers) was een vlakke stripfiguur. Filip werd geportretteerd als een gefrustreerde dwaas, Laurent was een eendimensionale clown. Filip die stampvoetend wegliep van zus Astrid omdat hij geen koning mocht worden: we geloofden de kleuter niet die Eén toonde.

Albert II was dan ook meer platte soap dan prestigedrama. De scène waarin Albert aan Paola vertelde dat hij de volgende koning werd, dreef op dialogen die zo waren weggelopen uit Mooi en meedogenloos.

Helemaal onnozel was de passage waar Filip en Laurent elkaar voor het eerst in Laken zagen na het overlijden van Boudewijn. Laurent wilde zijn broer zogezegd troosten, maar troonde daarvoor wel zijn onenightstand mee. ‘Innige deelneming, hè’, zei de date boertig tegen Filip. ‘Da’s echt kei-erg.’ Waarop Laurent haar even later geil op de kont sloeg en ‘lekker!’ uitriep. Geloof het maar.

Albert II had ook moeite om de historische feiten vlot in het verhaal te laten passen. Kabinetschef Jacques van Ypersele die Albert II erop wees dat Mobutu als president van Zaïre het officiële staatshoofd was: het kwam over als een verplichte geschiedenisles. En we wilden best nog aannemen dat de voertaal in ons koningshuis Nederlands is, maar dat Albert II Frans met een loodzwaar Vlaams accent sprak, was pijnlijke ironie.

Albert II behandelde de kijker die hoopte op prestigieuze zondagavondfictie zoals prins Filip werd neergezet in deze reeks: als een klein kind.

Albert II, Zondag, 21.25 uur, Eén