De Brusselse beurs heeft een slechte dag achter de rug. De twintig elitewaarden uit de Bel20-index gingen bijna allemaal in het rood. Alleen Elia hield het hoofd net boven water. Het leverde de beursbarometer een verlies op van 1,51 procent bij een slotnotering van 2.705,29 punten.

De boosdoener kwam vooral uit het oosten. In China lijkt de economie te vertragen. De industriële activiteit zou er in mei licht gekrompen zijn. De indicator voor aankoopdirecteurs van de grootbank HSBC ging immers van 50,4 punten naar 49,6 punten. Een daling onder de 50 punten wijst op een krimp. De laatste keer gebeurde dat in oktober 2012.

Daarbij kwam nog dat de beurs in Japan deze ochtend met zowat 7 procent was gezakt, al was dat veeleer een technische reactie. Sinds november waren de aandelenkoersen er 80 procent opgelopen.

En wie pessimistisch was, vond zijn ook gading in de notulen van de Amerikaanse centrale bank. Daaruit bleek dat men al in juni volgende jaar zou kijken of de rente niet moet worden opgetrokken als de economische verbetering aanhoudt. Aan het goede nieuws werd geen aandacht geschonken. Zo verbeterde het consumentenvertrouwen in de eurozone in mei licht. En in de VS werden in april 454.000 nieuwe woningen verkocht, 2,3 procent meer dan in maart. De gemiddelde prijs steeg naar 271.600 dollar of omgerekend 210.400 euro.

De negatieve stemming trok alle Europese beurzen omlaag. Brussel vormde daarop geen uitzondering. De grootste verliezen waren er voor Ageas (- 2,78 procent tot 28,29 euro), Befimmo (-2,54 procent tot 25,49 euro) en Bekaert (- 2,51 procent tot 22,4 euro).

De uitzondering was Elia. De uitbater van het hoogspanningsnet werd 0,15 procent meer waard bij een slotnotering van 33,27 euro. Op de brede markt sprong Jensen uit de band. De producent van industriële wasmachines verdapperde 2,78 procent tot 10,34 euro.