Jaarlijks gaat in ons land 345 kilogram voedsel verloren. Per persoon. De schuld van de fabriek! De supermarkt! De kassabediende, desnoods! Maar eet u de koelkast steevast helemaal leeg? Wij gingen met een jonge, bewuste kok in Gent op zoek naar de verschoppelingen in uw frigo, om ze van de vuilnisbak te redden en in een heerlijke wegwerpmaaltijd te verwerken.

‘Nee nee, hier wordt alles opgegeten.' In de deuropening staat een dame van stand, netjes gecoiffeerd en opgemaakt. Ze draagt een al even onberispelijke schort. ‘Ik heb een gezin', benadrukt ze. ‘Hier wordt absoluut geen eten weggegooid. Als u mij dan nu wilt excuseren. Mijn taartjes moeten in de oven.'

Het is woensdagmiddag in de Hofstraat in Gent. We zijn net onze strooptocht begonnen, op zoek naar eten dat in de huizen van deze weldoorvoede medemensen wordt weggegooid. Dat het gebeurt, weten we zeker. Niet alleen omdat we er ons met veel hartzeer zelf schuldig aan maken, maar ook omdat de cijfers er niet om liegen. Akkoord, het leeuwendeel daarvan nog voor het in ons winkelkarretje ligt: op veilingen, in voedselverwerkende bedrijven en in supermarkten die onberispelijk en kraakvers voedsel eisen. Maar ook thuis pleiten we schuldig. Wie herkent er zich niet in? Niet meer vers. Niet meer lekker. Te veel gekocht. Onherroepelijk de vuilbak in. En dus gingen wij niet dumster diven maar fridge diven. Om het op te nemen voor de verschoppelingen onder de frigowaren en het in de vergetelheid geraakte droogvoer. U gaat het niet meer opeten, mijnheer? U ging het weggooien, mevrouw? In de koeltas ermee, om er 's avonds nog een lekkere maaltijd mee op tafel te toveren.

Niet voor niets gestorven

Tovenaar van dienst is Nicolas Decloedt, kunstfotograaf én kok van opleiding. Hij bouwde ervaring op in sterrenzaken als Le Chalet de la Forêt, In De Wulf en als souschef bij Bon-Bon en kookt sinds januari in het hippe Eat Love Tastings in Gent. Dat alles in afwachting van zijn levenswerk: een eigen zaak in Brussel, waar hij zonder vlees of vis zal koken. ‘Ik ben al zeventien jaar vegetariër. België heeft echt nood aan een gastronomisch, vegetarisch restaurant dat rock-‘n-roll ademt, zonder Tibetaanse vlaggetjes en new age-muziek. Ik ga samenwerken met mensen die aan stadslandbouw doen, want kopen bij lokale producenten houdt de keten kort. Mijn opvoeding heeft me zo veel respect voor eten gegeven dat ik me absoluut ongemakkelijk voel als ik het moet weggooien. In restaurantkeukens blijft er ook wel eens iets liggen, maar dat verwerk ik in hapjes of maak ik klaar voor het personeel, zeker als het gaat om mooie producten als coquilles. Dan zijn die beestjes tenminste niet voor niets gestorven.'

Het lichaam als vuilbak

‘De voedingsindustrie heeft er natuurlijk baat bij om zo veel mogelijk te verkopen en indoctrineert mensen, bijvoorbeeld over houdbaarheidsdata. Maar we moeten ons niet laten vangen', vindt ook Nicolas' partner Caroline Baerten. Ze leerden elkaar kennen op school in Koksijde, maar zij is naast kok ook mindful eating trainer. ‘Ik geef mindfulness-trainingen aan mensen met een verstoord eetpatroon. In onze maatschappij zijn we zo met ons hoofd bezig dat we soms de voeling met ons lijf verliezen. Eten wordt happen en wegslikken of hangt vaak samen met onderdrukte emoties.”

‘We verliezen ook het contact met de natuur. Wie bij kip niet meer aan een levend wezen denkt, maar aan vlees in een plastic bakje, gooit het makkelijker weg. Ik wil mensen weer met gezond verstand met eten leren omgaan. Ruik, kijk en proef aan voedsel voor je het weggooit. Het is ook een kwestie van informatie. Zo kennen veel mensen het cruciale verschil tussen de ten minste houdbaar tot-datum en de te gebruiken tot-datum niet. In het eerste geval gaat het vaak over droogvoer, dat je - als het gesloten is gebleven - nog lang na het verstrijken van de datum kunt opeten. Alleen de kwaliteit daalt. In het tweede geval eet je het best zo snel mogelijk op, want dat is het soort producten, zoals vlees en vis, waarin de bacteriekolonies na de vervaldatum exponentieel toenemen.'

Lingerielade

Ook tijdens onze ‘afvalkoers' zijn die kolonies niet van de lucht. Ze tieren welig in Christina's artisjokken in olie en in Roels bokalen feta uit 2008. We riskeren ons leven ook liever niet met zijn fajitamix uit 2007 of maïzena uit 2002. ‘Jullie zouden vaker moeten langskomen', lacht hij terwijl hij met zijn zoons in de voedselvergeetput rommelt. ‘Ik heb wel net verse rode kool gekocht. Blijven jullie niet eten?' We bedanken vriendelijk, niet uit schrik, maar omdat ons nog een lange tocht wacht. Roels Karlsquell-bier zet ons alvast goed op weg, ook al is het een jaar over datum. ‘Nog perfect voor een stoofpotje', weet Nicolas.

Roel schaamt zich niet. Iets wat niet van iedereen kan worden gezegd. We vragen keer op keer beleefd aan de voordeur of we eens in de frigo mogen kijken, maar sommigen bekijken ons alsof we van de voedselinspectie zijn of om een keuring van de lingerielade hebben gevraagd. Nee mevrouw, wij wijzen u niet met de vinger. We zijn gewoon nieuwsgierig. En we doen het zelf ook, hoor, eten weggooien. Het helpt niet. De deur blijft gesloten, de blik in hun ogen ook.

Voor de cavia

Het verbaast Caroline niet. ‘Mensen hebben zo'n emotionele band met eten dat ze denken: dat is van mij. Niemand hoeft me er de les over te spellen. Wat wij vandaag doen, is behoorlijk confronterend.' Toon me je afval en ik zeg je wie je bent? Wellicht wel.

Er zijn de zorgvuldigen. Ze kopen op de markt wat ze nodig hebben en geven zelfs slappe groenten nog een bestemming in de dagelijkse verse soep. Dit zijn de goed draaiende, contente gezinnen. De kinderen zijn vaak al het huis uit maar de tradities van zelf confituur maken en ‘restjesavonden' zijn gebleven.

Er zijn de profijtelijken. Oude dametjes met het mantra dat niets verloren mag gaan. De oorlog? Wie zal het zeggen. Ze gaan prat op: wij eten alles op, mevrouw. Niet alleen gezonde zuinigheid achter, maar ook een beetje angst. De deur blijft op een kier.

Er zijn de pragmatici. We doen ons best, maar we zijn geen overschoteters. Als er geen schimmel op staat, eten we het nog wel op. Geen gepieker, gewoon leven en laten leven.

Dan zijn er de reizigers. De frigo blijft soms weken halfleeg, want deze vogels vliegen vaak uit. Altijd op zoek naar betekenis, naar kwaliteit. Zo schenkt Michiel ons een chorizo, gekocht in La Rioja. Volgens de verpakking is hij al vier dagen vervallen, maar de reiziger gebruikt zijn gezond verstand en zijn zintuigen. ‘Ik ruik en ik proef. Deze chorizo is zeker nog goed voor mijn Noord-Spaanse stoofpotje met ajuin en aardappelen, maar omdat er zo'n mooi verhaal aan hangt, sta ik erop dat jullie hem krijgen.'

Er zijn nog de gezellige chaoten. ‘Er verdwijnen altijd dingen in de hoekjes van onze te kleine frigo', zegt Christina, moeder van vier. ‘Maar het valt nog mee, hoor. Deze parmezaan ga ik nog raspen, de slappe worteltjes zijn voor de cavia en droogvoer geraakt altijd op. Tenzij echt niémand het lust.' De sfeer in huis is hartelijk. Het ruikt er naar verse pizza en ik vermoed dat onverwachte gasten hier meteen een bordje krijgen. Wij zijn allang blij met een ei, een restje ontbijtspek en ketchup met balsamico.

En dan zijn er nog die van goede wil. ‘We kopen minder vlees zodat er geen overschot is. Dat is niet alleen weggegooid geld, het heeft ook met milieubewustzijn te maken. Dat willen we meegeven aan onze zonen', zeggen Colette en Kobe. Aan de overkant van de straat delen Magali, Sam en Timo een huis en frigo. Die is vrij toonbaar en ook qua eetpatroon zitten deze mensen vol goede bedoelingen. ‘Alleen als ik echt iets niet lust, zoals deze havermout, gooi ik het integraal weg. Kleine restjes zijn voor de kat. Toch onderschat ik de kostbaarheid van eten soms omdat het relatief goedkoop is', zegt Sam. ‘We doen nu wel mee aan Dagen zonder vlees. Deze gerookte zalm, die ik al had gekocht, zal ik dus moeten weggooien.' In onze koeltas, dus.

Afvalmaal

Vlees en vis zijn kostbaar goed. Mensen staan zelfs de restjes niet af. Alleen bij vishandel De Vis hebben we beet. ‘Tonijn snijden we per portie. De overgebleven stukjes verwerken we in spaghettisaus, maar omdat die de laatste tijd wat minder populair is, schenken we ze graag aan jullie.' Ook de chefs van restaurants De Vitrine en Jef doen milde giften: overgebleven aardappelharten, spruitjes waarvan alleen de buitenste blaadjes zijn gebruikt, venkelrestjes en geitenkaascrème die niet meer op het menu staat. In Bayrams goeddraaiende fruit- en groentewinkel op de Vrijdagmarkt krijgen we raapjes die wat van hun glans verloren hebben. ‘Elke avond verkoop ik dat soort fruit en groenten voor bijna geen geld aan mensen die het moeilijk hebben.' Ligt het aan de immer bewuste Gentenaars? Ik weet het niet. Feit is dat veel mensen zorgzaam omspringen met eten. Of het ons anders niet vertellen, wegens te intiem.

Onze gasten 's avonds begrijpen het wel. Terwijl ze in het mooie decor van Eat Love keuvelen over het genot van lekker eten, voedselvergiftigingen – bespeur ik daar toch enige angst voor dit afvalmaal? – en creatieve dromen serveert Nicolas een creatief menu: gazpacho van sla-overschot met gerookte zalm, geitenkaascrème en ketchup met balsamico. Alternatieve paella met selderrestjes, Spaanse chorizo en kort geschroeide tonijn. Stoofpot van winterknollen en boerenkool met kastanjecrème. Verrimpelde appeltjes uit de oven met zelfgebakken havervlokkoekjes en espuma van het appelkaramel. En als uitsmijter eclairs, makarons en chocolaatjes die overbleven in de perfecte winkel van Joost Arijs, ex-chef-patissier van het Hof Van Cleve.

En ja, mevrouw, we hebben echt alles opgebruikt én opgegeten.

www.eatlove.be

www.me-nu.org

facebook/humusbotanicalgastronomy

Tips tegen food waste:

- Probeer te plannen en niet meer te kopen dan je nodig hebt.

- Koop bij de boer of lokale producenten. Zo gaat er al een pak minder verloren in de ‘keten'.

- Maak soep van overgebleven groenten of vries dingen in.

- Wees creatief. De worteltjes van prei zijn lekker om te frituren, met schillen van asperges trek je een geurige consommé, een broccolistam kun je stomen, de wortel van sla is lekker gebakken.

- Composteer. Haal kippen in huis.

- Tuinier. Dan oogst je alleen wat je nodig hebt en apprecieer je je eten ook meer.