Wie waren de Belgische voorvechters van de abstracte kunst?
Een deeltje uit het werk Composite nr. 6 van Marthe Donas (1920) Foto: rr
Het Museum voor Schone Kunsten in Gent blikt terug op de wonderjaren van het Belgische modernisme. Het resultaat is een brede tentoonstelling waarin wordt gefocust op zowel architectuur, literatuur, muziek, foto als theater.

De tentoonstelling 'Belgisch modernisme: Belgische abstracte kunst en Europa (1912-1930)' toont de abstracte tegenbeweging in deze periode in een internationaal perspectief. De expo focust op de diverse uitingen van abstractie van Belgische kunstenaars. Zo komt naast beeldende kunst ook architectuur, toegepaste kunst, typografie, fotografie, film, muziek, literatuur en theater aan bod.

In de tentoonstelling wordt een uitgebreid hoofdstuk aan de ‘klassieke’ jaren 1920-1925 gewijd, toen de historische avant-garde in België een hoogtepunt kende. De ontwikkeling van de oeuvres van hoofdrolspelers als Karel Maes, René Magritte, Jozef Peeters, Victor Servranckx en Georges Vantongerloo wordt uitgebeeld, en de expo gaat op zoek naar internationale invloedslijnen en overeenkomsten.

Toetsstenen zijn de eigentijdse protagonisten van De Stijl, Bauhaus, het Russische constructivisme en suprematisme en het Franse postkubisme en purisme. In deze context komen de Belgische nevenvormen van Zuivere Beelding en Gemeenschapskunst aan bod, en hun relatie tot andere kunstvormen.

In de eerste plaats gaat de aandacht hierbij uit naar modernistische architecten als Victor Bourgeois, Louis Herman De Koninck, Jean-Jules Eggericx, Huib Hoste en Louis Van der Swaelmen, maar meeromvattend wordt het modernistische totaalconcept belicht door interieurdecoratie, meubilair en andere gebruiksvoorwerpen te tonen.

Praktische info:

'Belgisch modernisme: Belgische abstracte kunst en Europa (1912-1930)' loopt van 2 maart tot en met 30 juni 2013 in het Museum voor Schone Kunsten, in het Gentse Citadelpark. Meer info vindt u terug op de website www.mskgent.be