‘Dagen zonder Vlees’, als foodblogger leek het me evident daaraan deel te nemen. Veertig dagen vis noch vlees met de geruststellende gedachte dat men met minder ook al tevreden is. Mijn deelname mag dan een impulsieve beslissing zijn, ik zie niet in waarom dit niet makkelijk vol te houden is. Wat is het ergste dat er kan gebeuren?

Gewoonte of gemakzucht, enkel de gedachte aan een vleesloos leven - al waren het maar veertig dagen - noopt sommigen tot medelijden. De wanhoop nabij. Ik heb natuurlijk makkelijk praten, want ook al passeert vlees - voornamelijk vis eigenlijk - occasioneel de revue, een vaste waarde is het zeker niet in ons huishouden.

Daar waar ik tijdens mijn jeugdjaren als zoon van een restaurateur tegen wil en dank alles denkbaar kreeg voorgeschoteld, genoot mijn wederhelft tot haar twaalfde van een strikt macrobiotische opvoeding. En strikt, dat mag je letterlijk nemen. Niet alleen was vlees uit den boze, zuivel en ‘de witte dood’ -suiker- waren dat ook. Verjaardagsfeestjes, geen probleem, maar wel met een seitan- of tofuworst in het lunchpakket. Veertig dagen zonder vlees schier onmogelijk? Kun je nagaan wat de reacties op zo’n opvoeding niet zijn. Ongeloof. Niet enkel toen, begin jaren ’90, maar ook nu! Vooral nu.

Samenwonen. Toen het hoge woord viel, wist mijn schoonmoeder een bedremmelde “Ge gaat ze toch geen vlees doen eten?” uit te stoten. Macrobiotisch was haar dochter al lang niet meer - vegetarisch evenmin - maar toch. De controle over haar voeding kwijtspelen was, op het voor de hand liggende na, zowat het ergst denkbare. Foodbloggers, zo wist ze, die zijn namelijk niet te vertrouwen. Ze mag op haar twee oren slapen, die schoonmoeder van me. Na al die jaren is de hang naar ‘all things healthy’ er nog steeds. We eten voornamelijk biologisch, proberen de seizoenen zo veel mogelijk te respecteren en beperken vlees en vis tot een minimum. Dat de invloed van de directe omgeving niet te onderschatten is, was te verwachten, dat het de ‘foodie’ was die het meest beïnvloedbaar bleek, kwam dan weer als een donderslag bij heldere hemel.

Ook al zijn we amper een week ver, en ook al heb ik gezondigd – onwetende overmacht -, ik merk dat ons vleesverbruik zeer binnen de perken blijft. De bevestiging waar ik naar op zoek was. Enige bijwerking is een lichte drang tot prekerig gedrag, eentje welke ik voorlopig weet te onderdrukken. Zo zie ik bijvoorbeeld dat het aandeel Belgische foodbloggers onder de deelnemers aan Dagen zonder Vlees tot een absoluut minimum beperkt is, daar waar ze een zekere voortrekkersrol kunnen spelen. Misschien had mijn schoonmoeder toch gelijk!

Coolinary.be »