Een joods meisjesschool in Antwerpen moet twee zoontjes van een vader inschrijven. Dat heeft de Antwerpse kortgedingrechter beslist. Anders moet de school een dwangsom van 1.000 euro per dag en per kind betalen.

Moishe Friedman en zijn echtgenote hebben zeven kinderen en verhuisden eind 2011 van New York naar Antwerpen. Ze wilden hun zoontjes van 8 en 11 inschrijven in de Benoth Jerusalemschool, een streng orthodoxe meisjesschool, maar kregen het deksel op de neus.

De school heeft hun inschrijving altijd geweigerd. De directie verwees naar haar pedagogische project dat vertrekt vanuit de traditionele joodse normen volgens het chassidisme, een streng orthodox-Joodse strekking. Die schrijft onder meer voor dat het onderwijs voor jongens en meisjes strikt gescheiden moet verlopen.

Friedman is daarentegen gekend om zijn antizionistische standpunten. Alleen al het feit dat hij zijn zoontjes wilde inschrijven in een meisjesschool, bewijst volgens de directie dat hij niet instemt met het pedagogische project.

Friedman stelde dat hij zich daarmee wel akkoord had verklaard en verwees naar een recente beslissing van de Commissie inzake Leerlingenrechten. Die oordeelde dat het geslacht van de kinderen geen reden vormt om hun inschrijving te weigeren. De commissie adviseerde de Vlaamse minister van Onderwijs zelfs om de werkingstoelagen van de school eventueel te schorsen vanwege de volgehouden weigering hen in te schrijven.

Gelet op de uitspraak van de Commissie en het fundamentele recht op onderwijs van elk kind - ongeacht wie het als ouders heeft - besliste de rechter dat de zoontjes van Friedman voorlopig moeten ingeschreven worden, in afwachting van de behandeling van de zaak ten gronde.