Blankenberge wil af van  zijn marginale imago
Foto: IMAGEGLOBE
Blankenberge is het beu: de badstad stelt een marketingplan op om af te rekenen met haar imago van marginale badstad, waar de straten vollopen met Johny's met foute tattoo's in lelijke trainingspakken. ‘Liedjes als dat van Hugo Matthysen hebben er niet veel goed aan gedaan', zegt burgemeester Patrick De Klerck.

Blankenberge, dat is toch die stad waar horden frigoboxtoeristen over de propvolle dijk slenteren? Waar marginalen naartoe komen in fluo trainingspakken en met baseballpetjes op om herrie te gaan schoppen op de campings en in de cafés? Waar je als haringen in een ton opeengepakt ligt aan de King Beach, het Belgische equivalent van Benidorm?

Dat beeld klopt al jaren niet meer, en dat moet veranderen, vindt burgemeester Patrick De Klerck (Open VLD). ‘De perceptie over Blankenberge zit fout. Er is een immens verschil tussen de manier waarop mensen van buiten onze stad denken over Blankenberge, en de realiteit', zegt hij. ‘Het wàs hier vroeger slecht, dat geef ik toe. Maar nu al lang niet meer.'

Geen hersenloos vermaak

De stad doet nu een beroep op het Flanders District of Creativity, een denktank van de Vlaamse overheid, om dat beeld bij te stellen. Er wordt een ‘citymarketingplan' opgesteld om de troeven van Blankenberge in de verf te zetten. ‘Omdat we die clichés zo hartsgrondig beu zijn', zegt De Klerck. ‘Dat we een verpauperde stad zijn bijvoorbeeld, waar alleen de toeristen uit de laagste sociale klassen naartoe komen. Dat het hier stikt van de Antwerpenaren. Dat het hier alleen Tien om te Zien en hersenloos vermaak is. Wie dat nu nog denkt, kent onze stad niet. We hebben de afgelopen twintig jaar een gedaanteverwisseling ondergaan. Wist u dat wij bijvoorbeeld een reeks echte pareltjes uit de Art Nouveau huisvesten? Dat de haven helemaal vernieuwd en opgeknapt is? Neen, dan schrijven de kranten liever dat we de meest banale badstad van de kust zijn.'

Wonderschone stad

De schuld ligt dus bij de media, die dat foute imago in de verf zetten. ‘En liedjes zoals dat van Hugo Matthysen over Blankenberge, die alles in het belachelijke trekken, hebben ook niet geholpen', zegt De Klerck.

Blankenberge, Blankenberge, wonderschone stad', zingt Matthysen nochtans in dat liedje uit begin jaren 90. Maar ook: ‘IJs met nootjes, vissersbootjes, zwemmen in de zee. Duizend dikke Duitsers zwommen vrolijk met ons mee.'

Matthysen reageert verbouwereerd. ‘Ik noem de stad de parel aan de kust, en een wonderschone stad. In plaats van kwaad te zijn, zou Blankenberge net ongelooflijk blij moeten zijn dat ik een lied aan de stad gewijd heb. Daarmee zet ik ze in het rijtje van Londen, Parijs en New York (lacht).'

‘Al moet ik wel toegeven dat ik op het moment dat ik het schreef nog nooit in Blankenberge was geweest. Ik was er voor het eerst op bezoek toen ik het liedje moest playbacken op Tien om te Zien in 1990. Maar van mensen die er wel al geweest zijn, hoor ik dat het er prachtig is. En ik had ook helemaal Blankenberge zelf niet in het vizier: die naam bekte gewoon het best. Geef toe: ‘Middelkerke, Middelkerke, wonderschone stad', dat klinkt toch echt niet.'

Beluister hier het lied van Hugo Matthyssen: