Phara komt weer uit de hoek:  ‘Ik heb mijn lesje in nederigheid nu wel gehad.’
Foto: © VRT - Joost Joossen
Phara de Aguirre kwam vorig jaar terug, na zes maanden loopbaanonderbreking. De talkshow die drie jaar haar voornaam droeg, niet meer. Praatstoel werd schopstoel. Zo ervoer zij het toch. Intussen veerde ze weer recht. ‘Ik heb mijn lesje in nederigheid nu wel gehad.’

Er zijn geen honderd manieren om de beurskoersen aan te kondigen. Of een gekantelde vrachtwagen op de Brusselse ring. Phara doet het sinds twee maanden even correct, vriendelijk, neutraal en vertrouwenwekkend als het anker dat ze tijdelijk vervangt voor het late journaal op Eén: Martine Tanghe. Voor die laatste dook vorig jaar de muur op waar ook Phara zes jaar geleden voor stond: borstkanker.

Tot die dag was ook Phara’s voornaamste medische zorg hoe je een snotneus kunt voorkomen in de uitzending. Daar bestaat een pilletje voor. Zo zei ze enkele maanden voor de diagnose nog in Het Laatste Nieuws tegen Hilde Sabbe: ‘Een sterke gezondheid is geen verdienste, maar een geschenk. Ik ben tot nu toe nooit echt ziek geweest. Ik heb wel eens een snotneus, maar dan blijven we ons werk doen.’

Haar imago stond als een huis toen ze anderhalf jaar geleden in loopbaanonderbreking ging. Twee dagen voor de VRT dat aankondigde, mocht ze nog haar tweede Televisiester als beste presentatrice in ontvangst nemen. Alles lachte haar toe, zo op haar vijftigste. Tot ze bij haar terugkeer naar de Reyerslaan te horen kreeg dat Phara werd afgevoerd.

‘Ik heb toen in uw krant mijn gal gespuwd. Dat had ik nodig om de klap te verwerken, al heb ik het daarmee misschien juist erger gemaakt. Het is me niet in dank afgenomen. Wilt u er dus alstublieft niet opnieuw een klaagzang van maken?’

‘Dat praatprogramma was mijn grote liefde. Maar als je te lang achter een man aanloopt die jou niet ziet staan, maak je jezelf belachelijk. Een afgewezen lief moet de knop omdraaien. Dat heb ik gedaan. De talkshow is een kunstje dat ik heel graag heb opgevoerd. Ik heb nu de eer om twee andere kunstjes te mogen leren: Panorama’s maken en Het journaal presenteren. Ik bedoel dat niet ironisch. Al zie ik me ook geen twintig jaar het nieuws lezen.’

‘Het voelt niet aan als minder eer’, zei u toen u na maanden in quarantaine Panorama werd aangeboden. Waarmee u toch wel aangaf dat er enige hovaardigheid mee gemoeid was.

‘Hovaardigheid? Dat woord heb ík nooit in de mond genomen. Dat was iemand anders (toenmalig hoofdredacteur Kris Hoflack, red.). Het viel toen ik protesteerde tegen het stopzetten van Phara. Ik had er zelf maar geen halfjaar moeten uitstappen.’
 

Dit is een ingekorte versie van een langer gesprek dat dit weekend in DS Weekblad verschijnt. Daarin heeft Phara het onder meer over haar ziekte, de zaak Jos Ghysen en haar voorliefde voor de stilte.