Na een daling van het aantal ongevallen met de kusttram van 127 tot 69 in de periode 2003-2009, steeg het aantal in 2010 tot 86. In 2011 deed zich een nieuwe toename voor tot 101. Dat blijkt uit het antwoord van Vlaams minister Hilde Crevits (CD&V) op een schriftelijke vraag van Jan Verfaillie (CD&V).

Bij de ongevallen in 2011 vielen in totaal 75 lichtgewonden, 2 zwaargewonden en 4 doden. Het hoge aantal gewonden is hoofdzakelijk te wijten aan de tramontsporing van 14 oktober in Nieuwpoort en de aanrijding van tram en kraanwagen in Oostduinkerke op 8 juni. 

In 64 gevallen botste de tram in 2011 tegen een rijdend of geparkeerd voertuig, 26 keer was er een aanrijding met een stilstaand object, vaak het gevolg van haperingen aan materialen en voertuigen in werfzones. Negen keer werd een voetganger aangereden, 2 keer een fietser of bromfietser.

Bij de 4 ongevallen met dodelijke afloop ging het telkens om een voetganger die werd aangereden. 'Ofwel stak de voetganger de sporen over op een niet-voorziene plaats, of er werd overgestoken op een beveiligde overweg, maar werd de tramsignalisatie genegeerd. Volgens De Lijn ligt vaak een verkeerde inschatting en/of onoplettendheid, bijvoorbeeld door GSM-gebruik, of de oudere leeftijd aan de basis van het ongeval', aldus Crevits.