Aanwezigen op de festivalwei spreken unaniem van chaos. Ook twee van onze reporters werden getroffen.

'Geen communicatie vanuit organisatie'

Bram Nelissen was donderdag aan het werk op Pukkelpop. Zijn taak bestond erin de festivalgangers veilig de straat over te helpen steken van de camping naar het festival en omgekeerd. Hij klaagt over een gebrekkige communicatie tussen de organisatie en de verschillende ordediensten op het terrein. 'Na de feiten (het onweer) leek het mij logisch dat we ingeschakeld zouden worden in het verzekeren van de doorkomst van brandweer, politie, ambulances, enzovoort', vertelt Bram.

'Er was echter geen communicatie naar ons toe gedurende de periode van 18u30 tot 23u. Met ons bedoel ik zowel de seingevers maar ook de aanwezige security en politie. Niemand wist wat er gedaan moest worden, de politie wachtte op beslissingen van officieren maar deze bleven uit.'

'De plaats waar wij ons bevonden, aan de ingang, was nochtans cruciaal, aangezien daar alle mensen naar buiten moesten. We konden de festivalgangers dan ook niet helpen met de meest logische vragen zoals: waar moeten we naartoe? Waar moeten we staan? Ik voel me niet goed, waar moet ik naartoe? Ik ben iemand kwijt? We wisten ook niet of de mensen überhaupt van de wei af moesten blijven of niet. In heel deze tijd is niemand van de organisatie daar ter plekke geweest, laat staan dat er evacuatieprocedures werden opgestart. Er heerste totale chaos bij de hulpdiensten bij het opvangen van het grote publiek.'

'We hebben dan in samenspraak met aanwezige politie en security, zelf initiatief genomen om mensen door te verwijzen, zonder zekerheid of men verderop met hetzelfde bezig was. Ik heb dan maar geprobeerd tussen alle hulpverleners om een soort mond-aan-mondcommunicatie op gang te brengen.'

'Frappant om 'de organisatie' dan rond 22 uur dan wel ineens te horen met een megafoon: 'Beste festivalgangers, we zijn het niet eens met de politie, het festival is zeker nog niet afgelopen, de organisatie heeft dit nooit gezegd, blijf gerust hier'. Ik kan me dus volledig terugvinden in de woorden van de ontredderde festivalgangers die zich aan hun lot overgelaten voelden.'

'Weet niet of ik ooit nog terugga'

Junior Verbeeke en zijn vrienden besloten naar de camping te gaan toen ze het onweer gewaar werden. 'Ik liep weg van de Boiler Room en achter ons zagen we paniek uitbreken. Ook op de camping was het één grote ravage, tenten waren losgerukt en vlogen in het rond. We besloten het onweer uit te zitten in onze tent, aangezien het ook de enige manier was om die aan grond te houden. Toen de storm over was, zagen we mensen in paniek de camping oplopen, veel van hen met wondes van de hagelstenen.'

'Ambulances hebben de hele avond en nacht af en aan gereden. Speakers riepen om dat iedereen het festivalterrein moest verlaten. Heel het plein was herschapen in een soort spookstad. We werden opgevangen in een parochiezaal waar tientallen ouders stonden te wachten op nieuws over hun kinderen.'

'Het was echt hallucinant en angstwekkend. Een vriend van mij heeft een dood meisje zien liggen. Ik weet niet of ik ooit nog terugga naar het festival.'

'Mensen van onder de ingevallen tent bevrijd'

Persfotograaf Stefaan Temmerman (CPU) bevond zich in de VIP-tent toen de storm losbarstte. ‘Ik had vrijwel meteen door dat er iets niet normaal was toen de vlaggenmasten naar beneden kwamen en het meubilair en de lampen alle kanten opvlogen.'

'Samen met nog enkele andere collega-fotografen zijn we blijven wachten in de VIP-tent, ten eerste omdat de hagel alleen al te pijnlijk was om in open lucht te lopen. Kameraden van mij zijn naar de Château getrokken en hebben nog mensen van onder de ingevallen tent bevrijd. De aanblik van de weide was hallucinant, nog nooit gezien.’

'Informatie liet heel lang op zich wachten'

Robin De Clercq van De Standaard Online stond redelijk vanachter aan de Main Stage, bij een deel bomen. Toen het begon te stormen werden die takken plots gevaarlijk.

‘Ik ben beginnen weglopen van de bomen, maar wel in openlucht blijven staan. Gehurkt in groep, probeerde ik me zo veel mogelijk te beschermen voor de hagel. Ik voelde ergens wel aan dat het niet noodzakelijker veilig is om ergens onder te schuilen, aangezien dat altijd kan instorten. Zo heb ik ook een Proximus-stand zien instorten en een metalen stelling zien neerknallen.’

‘Toen het ergste voorbij was, bleek ik mijn vrienden kwijt te zijn gespeeld. Maar ik kon nog smsen, al kwamen ze vaak met 20 à 30 minuten vertraging aan. Ik had toen ook de ernst van de situatie nog niet echt door. Het eerste moment dacht ik: ‘hier zijn doden gevallen’, was toen ik bij de ingang van de toiletten een gigantische tak zag liggen.’

‘Ik ben dan maar gaan wachten op informatie aan de Main Stage, samen met een duizendtal anderen, maar die informatie liet heel lang op zich wachten. We hoorden ook steeds ambulances. Toen het bericht kwam dat de optredens waren afgelast, zo rond 11 uur, ben ik naar de camping getrokken, om daar mijn tent helemaal gescheurd aan te treffen. Ook op de camping waren er bomen omgewaaid. De sfeer was er vrij rustig maar er heerste toch wel ongerustheid.’

'Eettent vloog helemaal aan flarden'

Ook Bart Overstraete zag diezelfde Proximus-tent instorten. ‘Op het moment dat het enkel wat begon te regenen, stonden we te schuilen onder een eettentje voor de Main Stage. Toen kwamen ineens die windvlagen en hagelstenen zo groot als pingpongballetjes. De tent scheurde plots open en vloog helemaal aan flarden. Er brak paniek uit en iedereen liep weg. Wij liepen in de richting van de Proximus-stand, maar zagen net een boom knappen en op de tent vallen. Het was even slikken toen we daar een gewonde jongen zagen die enorm veel bloedde.’

‘Wanneer het onweer over was, zagen we dat de Chateau was ingestort. Voorheen besefte ik niet hoe erg het wel was. Gelukkig vonden we op de camping iedereen terug en stonden onze tenten nog recht. De mensen daar die niet op de weide waren geweest, waren nog uitgelaten. Ze hadden geen idee wat er was gebeurd. Uiteindelijk hebben we pas deze morgen besloten om naar huis te gaan, toen we te horen kregen dat het festival was afgelast.’

'Weggevlucht van onder de restotent'

'Wat doet een mens als het begint te regenen? Schuilen. Onder de restotent bijvoorbeeld', zegt onze redacteur Maarten Byttebier. 'Daar kon je nog genieten van Skunk Anansie op het hoofdpodium. Niemand kan het publiek beter enthousiasmeren dan zangeres Skin, dus werd er zelfs in de opeengepakte menigte in de tent hier en daar een danspasje gezet. Zelf hadden we vooral de twee steeds harder wiebelende reusachtige stutpalen in de gaten.'

'Er werd nog uitbundig gejuicht na een nummer, toen een hoek van het tentzeil losgerukt werd door de wind. Voor ons het sein om het verschrikt op een lopen te zetten. We renden vooruit, de hagel tegemoet en de daver op het lijf. Waar moesten we heen?' 

'Dit was een windhoos, dit was een tornado. Over het terrein waaiden plastic zeilen en brokstukken. Je wou achterom kijken om die brokstukken te ontwijken, maar kon amper omdat je harde hagelbollen in je gezicht kreeg. Achter die boom dan maar? Nee, stel je voor dat hij omwaait.' 

'Uiteindelijk schuilden we opzij van een kleine maar stevige stand, een afgewaaid zeildoek als bescherming boven het hoofd. Instinctief voortdurend om ons heen kijkend, altijd klaar om uit de startblokken te schieten mocht ook dit kraam het begeven.'

'Het zicht was surrealistisch. Terwijl sommigen nog halfstoer stonden te dansen in de regen, sijpelde bij anderen – onder wie wijzelf – de ernst van de situatie door. Toen de regen ophield, verlieten de eersten hun schuilplaatsen. Het was een slagveld.' 

'Toen we op onze passen terugkeerden, zagen we dat de boom waarachter we wouden schuilen was omgevallen op het andere eind van de Proximus-tent waarachter we uiteindelijk weggedoken waren. En toen hadden we de ingestorte restotent nog niet gezien. En de chateautent, ook helemaal in puin. Het kon niet anders of hier waren doden gevallen.'

'Hulpdiensten droegen gewonden weg op draagberries, de nooduitgangen waren opengezet. Iedereen wou zijn vrienden bellen en sms’en, maar het netwerk was overbelast. Lijkbleek, in choc, rillend van de kou en van de schrik.'

'Iedereen had het drama ook op zijn manier beleefd. Voor het hoofdpodium moet het nog redelijk zijn meegevallen. Festivalgangers Els Van Reeth en haar vriend Bert De Wachter stonden in de clubtent en hebben in een reflex het tentzeil kapotgesneden, waardoor de enorme waterplassen op het dak wegstroomden en de tent net niet bezweek onder het gewicht. '

'En wij, wij hebben letterlijk gerend voor ons leven. Al beseffen we het nu nog maar half en half.'

'Elektriciteitskabels knalden'

'Wij zaten in de Chateau-tent toen die neerging', zegt Pieter-Jan Troukens uit Aarschot. 'Ze is beginnen scheuren en meteen daarna in mekaar gezakt. Wij zijn met de eerste golf uit die tent geraakt, terwijl achter ons luide knallen klonken van elektriciteitskabels die het begaven.'

'Iedereen is eruit, hoorde ik zeggen, maar die tent zat stamp- en stampvol. Daar was niets meer van over. Het podium, de vier steunpalen, dat enorme tentzeil: alles was weg.'
'Dit was onmenselijk. De chaos was enorm, want eens buiten die tent kwam je terecht is een onweer met hagelbollen zo groot als golfballen.'

'Bloeden van de hagel’

Kristof Heiremans stond met een groep vrienden in de Club toen die geëvacueerd werd.

‘Toen we in de Club stonden, begon het vreselijk te stormen. De paal in het midden begon weg te zakken door de massa water die op de tent bleef liggen. Een paar mensen van de security hebben toen de tent opengesneden om het water te laten wegstromen. Na een kwartier hebben ze iedereen geëvacueerd. De Club  lijkt nu compleet onbruikbaar.’

‘Paniek is er niet. Tijdens Skunk Anansie waren de hagelbollen zo groot dat sommige festivalgangers nu in hun gezicht aan het bloeden zijn. Veel mensen zijn ook gewond geraakt door omgevallen bomen. Af en toe zien we een man van de security voorbijrennen, maar we krijgen helemaal geen informatie.  De dranktenten zijn nog open, vermoedelijk om massapaniek te vermijden. Stilaan begint iedereen wel de weide te verlaten en nu lijken ze ook de dranktenten te willen sluiten. Waar we precies naartoe moeten, weet ik niet.’

'Nooit meegemaakt'

'Ik heb in het oog van het storm gezeten', zegt De Standaard-journalist Peter Vantyghem. 'De Chateau plat in een minuut terwijl Smith Westerns staan te spelen. Alles stortte in of waaide weg. Ik denk dat het een orkaan was. Alles samen heeft het maar tien minuten  geduurd, maar dit heb ik nog nooit meegemaakt.' 

Vantyghem werd zelf ook gewond. 'Ik moet nu naar het Rode Kruis want ik kreeg een paal op mijn hoofd. Ik bloed, schijnt het.'