Het aantal vennootschappen dat geen jaarrekening neerlegt, is sinds 2005 met 20 procent gestegen. Eind 2010 ging het om 47.830 vennootschappen. Dat is ongeveer één op de negen vennootschappen. Dat blijkt uit cijfers van minister van Financiën Didier Reynders (MR) die Dirk Van der Maelen (SP.A) opvroeg.

Er zijn diverse redenen waarom vennootschappen geen jaarrekening neerleggen: er is een dreigend faillissement, de zaak wordt vereffend of stopgezet. Nog anderen gokken erop dat ze ermee wegkomen. Eén derde van de niet-indieners zijn slapende vennootschappen.

Volgens Van der Maelen duiken die slapende vennootschappen op in zowat alle grote fraudedossiers. "Vaak gaat het om vennootschappen die na een aantal jaar in één of andere schuif worden gewerkt, waarna ze voor fraudedoeleinden worden ingezet. Ze worden gewoon openlijk op het internet aangeboden", zegt de volksvertegenwoordiger.

Vennootschappen die minstens drie jaar na elkaar geen jaarrekening neerleggen, kunnen door de rechtbank van koophandel worden ontbonden. Dat gebeurt op vraag van het openbaar ministerie of een belanghebbende. "De parketten proberen de slapende vennootschappen preventief aan te pakken, maar ontberen soms de middelen wegens de grote werklast en veel andere prioriteiten", zegt Van der Maelen.

De situatie in België is zelfs zo dat wie zijn jaarrekening te laat neerlegt, een boete moet betalen die kan oplopen tot 1.200 euro. Voor wie ze gewoonweg niet neerlegt, is geen enkele administratieve sanctie voorzien.