Hersenen werken beter vanaf veertig
Foto: shutterstock
Naarmate je ouder wordt, sterven je hersenen niet af maar gaan ze net anders werken. Dat beweert wetenschapsjournaliste en schrijfster Barbara Strauch.

Als je regelmatig onderbroeken in de afwasmachine steekt of de kelder in staart terwijl je je afvraagt wat je er kwam zoeken, denk je wellicht dat het einde nabij is. Niet zo volgens Barbara Stauch, die het boek 'The Secret Life of the Grown-Up Brain' schreef.

Daarin beweert ze dat hersenen, in tegenstelling tot de rest van het lichaam, niet aftakelen naarmate we ouder worden. De hersenen van een 55-jarige mogen dan minder alert en flexibel zijn dan die van een 25-jarige, ze kunnen wel juister oordelen over mensen en situaties, sneller problemen oplossen en hun cognitieve vaardigheden zijn beter.

Eén van de eerste wetenschappers die het brein van middelbare leeftijd bestudeerde, was neurologe Cheryl Grady, verbonden aan de Universiteit van Toronto. In de jaren negentig maakte ze hersenscans van oude en jonge proefpersonen die dezelfde opdrachten moesten uitvoeren. Tot haar verbazing zag ze nauwelijks verschil in resultaat en gebruikten de oudere proefpersonen de twee hersenhelften in plaats van één. Bovendien deden ze vaker een beroep op de frontale cortex, het gebied in de hersenen dat we gebruiken om problemen op te lossen.

Een van de grootste hersenstudies, the Seattle Longitudinal Study, volgde de mentale capaciteiten van 6.000 proefpersonen gedurende meer dan veertig jaar. Daaruit bleek dat de proefpersonen tussen 40 en 65 beter scoorden op cognitieve tests: hun woordenschat, verbaal geheugen, perceptuele snelheid en probleemoplossend vermogen waren beter dan die van proefpersonen in de twintig.

Een ander voordeel van ouder worden is dat je betere sociale vaardigheden krijgt. Thomas Hess, een psycholoog verbonden aan de Universiteit van North Carolina, concludeerde dat personen van middelbare leeftijd beter kunnen inschatten wat voor karakter een andere persoon heeft. Bovendien denken ze minder negatief, wat optimisme in de hand werkt.

De oorzaak van deze verbeterde hersenfuncties wordt gezocht in myeline, een vetstof rond de zenuwen die verbindingen in de hersenen mogelijk maakt. Vanaf de vijftig zou de hoeveelheid van deze stof toenemen. Om je hersenen ‘fit’ te houden, wordt oefening aangeraden: niet alleen cognitieve oefeningen zoals lezen en muzieklessen, maar ook fysieke beweging houdt je hersenen jong.