Vande Lanotte: ‘Dit is de prijs voor een democratie’
Foto: filip claus
De onderhandelingsnota, die De Standaard kon inkijken, is een werkstuk van een dikke zestig bladzijden met een voorstel voor een zesde staatshervorming dat volgens de koninklijk bemiddelaar tot ‘een werkbaar geheel leidt, waarbij de burgers van dit land een beter bestuur krijgen’.

‘Een aantal problemen wordt aangepakt die ons beleid ernstig hebben verlamd de voorbije jaren: BHV en de financiële en bestuursproblemen waarmee het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt geconfronteerd.’

Vande Lanotte legt meteen de achillespees bloot: ‘Deze blokkeringen raken aan zeer delicate evenwichten binnen de Belgische federatie, met een hoge symbolische waarde, en doen makkelijk harde tegenstellingen opflakkeren. De geboden oplossingen zijn voor iedereen die ze ondersteunt een moeilijke oefening in het afwegen tussen de onmiskenbare noodzaak deze blokkeringen op te heffen, en het verdedigen van de eigen standpunten.’

Bij de bevoegdheidsoverdrachten verdedigt Vande Lanotte vooral het werkgelegenheids- en mobiliteitsbeleid die veel homogener worden. Een regionaal beleid moet ertoe leiden de werkzaamheidsgraad te verhogen, betoogt hij. ‘Dat is een cruciale uitdaging voor alle gewesten en voor ons maatschappelijk model. Werk is een essentieel gegeven voor het welzijn en de welvaart van iedereen.’

De afschaffing van de Senaat in zijn huidige vorm is een eyecatcher in het hoofdstuk politieke vernieuwing. De Senaat wordt een niet-permanent orgaan, de cumulregels worden aangescherpt.

De aanpassing van de financieringswet verdedigt Vande Lanotte als volgt: het weze duidelijk dat de bedoeling er niet in bestaat om het ene gewest of de andere gemeenschap louter door het wijzigen van de wet meer of minder financiële mogelijkheden te geven. Dat is duidelijk een passage bedoeld voor de Franstaligen, om hun angst voor verarming in te dijken.

‘In het nieuwe model worden bij ongewijzigd beleid tegenover de bestaande financieringswet geen belangrijke geldstromen verplaatst, wel principes gewijzigd.’ De kernwoorden zijn responsabilisering en autonomie. ‘Wil een overheid meer uitgeven, dan kan dat, maar moet het daarvoor zelf de middelen vinden of verschuiven.

De bemiddelaar wijst er ook op dat het succes van deze staatshervorming niet zal afgemeten worden aan de omvang ervan, hoewel het om een omvangrijk pakket gaat volgens hem. ‘Het succes moet vooral gemeten worden door de manier waarop deze hervorming op alle niveaus gebruikt zal worden om oude en nieuwe problemen actief aan te pakken.’

Wat staat er in de nota?

De nota bestaat uit vijf grote onderdelen. Met name:

I. Politieke vernieuwing
II. Bijkomende bevoegdheden voor de deelstaten

  • werkgelegenheid
  • gezondheidszorg
  • gezinsbijlagen
  • mobiliteit
  • justitie
  • fiscale uitgaven

III. Brussel
IV. BHV
V. Voorstel van nieuw financieringsmodel