Wachten op Axl
Foto: Koen Bauters
Hoeveel van de naar schatting 13.000 aanwezigen op het concert van Guns n’ Roses donderdagavond zouden net als wij naar het Sportpaleis zijn afgezakt om Axl Rose finaal op zijn bek te zien gaan? Nogal wat, zo kregen we de indruk toen we aan de ingang met de fans een praatje sloegen.

‘We hebben onder elkaar gewed hoeveel minuten te laat ze zullen beginnen’, zegt Freddy, een Nederlander die met twee vriendinnen uit Eindhoven naar Antwerpen is afgezakt (heel veel Nederlandse nummerplaten op de parkeerterreinen, overigens).

‘Ik gok op honderd minuten, ik denk dat dat dicht in de buurt zal zijn. En wat we van het optreden zelf verwachten? Niet zo veel, eigenlijk, maar het is moeilijk om je nieuwsgierigheid te bedwingen als je naar GNR kunt gaan kijken.’

Freddy verwijst naar de rampberichten over de recente wereldtournee van Axl Rose en zijn nieuwe vriendjes. Notoire driftkikker Rose heeft het onder meer in Brazilië in Engeland zo bont gemaakt dat menig fan hier al vol verwachting in de handen staat te wrijven.

Op het festival van Reading begon de groep pas en uur na het afgesproken tijdstip aan zijn set. De reden: Axl deed een tukje en mocht onder geen beding gewekt worden. De organisator was zo boos dat hij de stekker eruit trok toen de groep aan de bisnummers begon. GNR gaf dan maar een akoestische versie van Paradise City ten beste, en Rose schold naar verluidt achteraf iedereen de huid vol die het waagde binnen gehoorsafstand te komen.

 Belgische fans anticiperen kennelijk al op die berichten. Het officiële aanvangsuur donderdagavond was half negen, en pas op dat uur begon de menigte echt toe te stromen.

Geen Slash-t-shirt

Een menigte die er overigens minder excentriek, en zeker minder metal, uitzag dan je bij dit type evenementen zou verwachten. Veel gearriveerde en zelfs opgedirkte veertigers, veel eeuwige studenten ook (ziekenkasbril, paardenstaartje), en slechts een kleine minderheid in metal-uniform.

We zagen zelfs meer t-shirts met Metallica-opschriften dan GNR-t-shirts, die overigens aan de promostand te koop waren tegen de voordeelprijs van dertig euro. Dat was handig voor fans die in een t-shirt van Slash waren komen opdagen, want naar verluidt vraagt Axl de security om die niet binnen te laten. De haat tussen de voormalige bloedbroeders loopt nog altijd hoog op.

Nostalgietrip

Ene Sasha (33) heeft voor de gelegenheid zijn oude Guns n’ Roses t-shirt nog eens uit de kast gehaald. ‘Ik ben eigenlijk meer een fan van het hardere metaalwerk, GNR is meer een nostalgietrip. Dit t-shirt heb ik gekocht begin jaren negentig, ik was toen 12, toen de groep op de wei van Werchter optrad. En ja, hij past nog altijd (lacht). Geweldig optreden was dat, trouwens, nog met de oorspronkelijke bezetting. Ik verwacht er eerlijk gezegd niet zoveel van vanavond. Ik kom gewoon uit jeugdsentiment.’

 Daar knelt het schoentje, zo blijkt. Van de oorspronkelijke Guns ’n Roses, die in 1987, we moeten dat durven toe te geven, met de geweldige debuutplaat Appetite for Destruction de wereld van zijn sokken blies, blijft alleen zanger Axl Rose over.

Al het andere schorremorrie dat de band zo interessant maakte, is er al lang vandoor: stergitarist Slash stond deze zomer nog helemaal zichzelf te wezen op Graspop, tweede gitarist Izzy Stradlin leidt een teruggetrokken bestaan en maakt soloplaatjes waar niemand naar luistert. En de oorspronkelijke bassist en überfuifbeest Duff McKagan richtte samen met Slash de band Velvet Revolver op. Duff moet het wel rustig aan doen, want door overmatig drank- en drugsgebruik heeft hij nauwelijks nog functionerende ingewanden over.

Snel en hard

Sindsdien trekt Rose de wereld rond met een wisselend groepje huurlingen, dat blijkbaar aan twee criteria moet voldoen: snel en hard kunnen spelen, en er zo mogelijk nog vervaarlijker uitzien dan Slash en Izzy destijds. Met wat goede wil kun je de huidige gitaristen zelfs lookalikes van de oude noemen. Zeker nieuweling DJ Ashba kampt met een knoert van een Slash-complex: hoge hoed diep over de ogen getrokken, slangenleren broek, dezelfde gitaarpose, en zelfs dezelfde Gibson Les Paul Sunburst (ja, wij kennen onze gitaren).

Ludo (32) en Maïte (20) die-hardfans uit Luik, vinden het debat over de nieuwe muzikanten geleuter. ‘Ik ben ze onlangs gaan zien op een festival in Zweden, en ze zijn fantastisch’, zegt Ludo. ‘Eigenlijk speelt die DJ Ashba veel beter dan Slash.’

 Eén ding moet je Axl Rose wel nageven: opgeven staat niet in zijn woordenboek. Terwijl de andere oorspronkelijke bandleden zich overgaven aan seks, drugs en drank, trok hij zich de zakelijke kant van de groep aan (wel door met iedereen op de vuist te gaan en zich overal onmogelijk te maken, maar goed), en stuurde de groep nieuwe muzikale richtingen uit (volgens de meeste critici de verkeerde richtingen, maar goed).

Guns n’ Roses evolueerde onder zijn deskundig wanbeleid van een funmetalgroep naar een pompeuze FM-rockband, en op het recentste album Chinese Democracy naar nog iets anders, waar nog geen term voor is uitgevonden. Maar het lijkt in ieder geval nergens naar. Rose heeft meer dan tien jaar aan die plaat gewerkt, het is de duurste release aller tijden geworden, en ze laat iedereen koud. Jammer, dacht Axl, dan gaan we gewoon op wereldtournee met onze oude nummers om wat geld te verdienen. En zo geschiedde.

De hitmachine van Appetite for Destruction (Paradise City, Sweet Child ‘o Mine, Welcome to the Jungle) heeft blijkbaar de tand des tijds doorstaan.

Brug tussen generaties

We zagen flink wat jong volk aanschuiven, en degenen die we aanspraken bleken vooral die songs te kennen. We zagen zelfs enkele aandoenlijke GNR-gezinnen, de ouders met mouwloze jeansjekkers met logo’s van de groep, de kinderen met lang blond haar en Axl-bandana.

Guns ’n Roses slaat brug tussen de generaties, wie had dat ooit durven vermoeden. Maar alle generaties waren toch ook een beetje beducht: de pers sabelt de optredens keer op keer neer, Axl zou alleen nog vals zingen en zich oeverloos aanstellen.

 Dat bleek, drie kwartier na het aangekondigde aanvangsuur, nog mee te vallen. Natuurlijk is Rose ouder en wat zwaarder geworden, en met die hangsnor begint hij meer op James Hetfield van Metallica te lijken dan goed voor hem is. Maar hij voert nog altijd erg soepel de meest nichterige danspasjes ten westen van Mick Jagger uit, en hij schreeuwt zich op het podium nog altijd de ziel uit het lijf.

Erg indrukwekkend klonk dat donderdagavond niet, maar dat vonden we vroeger ook al. In de lage regionen is Axls stemgeluid best te pruimen, maar als hij overschakelt op zijn krijsende heliumstemmetje hebben we altijd even de neiging in de lach te schieten. Het zal aan ons liggen.

Luid

Voorts was dit concert een niet-aflatende, tweeënhalf uur durende aanval op je trommelvliezen, zo hard stond het geluid, waardoor de klank een modderbad werd waarin je de fouten niet meer kon horen. Zo kan ik het ook, zou je denken, maar dat klopt niet: het is bij momenten niet te geloven hoe goed die kerels kunnen spelen.

De drie (3!) gitaristen zijn stuk voor stuk absolute virtuozen, waarvoor ons diepste respect, maar in hun enthousiasme vertonen ze dan weer de neiging om elkaar voortdurend van het podium te soleren. Vermoeiend, op de duur: we kunnen ons geen concert herinneren waarin we in dezelfde tijdspanne zoveel noten hebben gehoord. En toch geen enkele gevoelige snaar geraakt, je moet het maar doen.

Zou het, tot slot, typisch Belgisch zijn dat dit GNR-concert zonder incidenten verliep? Axl Rose zag er relatief goedgezind uit, hij dolde met zijn muzikanten in plaats van ze verrot te schelden, hij bedankte meermaals het publiek, en even na middernacht was het, zoals het hoorde, afgelopen.

Steekvlammen

In die tweeënhalf uur hoorden we enkele geweldige steekvlammen (onder meer Sweet Child ‘o Mine was geweldig), enkele absolute stinkers (die onuitstaanbare cover van Knocking on Heaven’s Door, onder meer), enkel stroperige ballads waar zelfs Bryan Adams zich voor zou schamen (toen Axl aan de piano ging zitten voor ‘November Rain’ moesten we zelfs even aan Liberace denken) en een greep stevige rocksongs waarbij de band af en toe stevig uit de bocht ging (In You could be mine’en Live and let Die wist op de duur niemand nog of hij nu de strofe dan wel het refrein stond te spelen).

Wij zagen, samengevat, een soms genant pompeus schouwspel (die vuurwerkjes ook!) van een groep die geen enkele relevantie meer heeft en geregeld op zijn adem trapt: toen Axl tijdens de bisnummers na de compleet overbodige en veeleisende AC/DC-cover Whole Lotta Rosie de afsluiter Paradise City inzette, kon je hem tot in de nok van het Sportpaleis horen hijgen en puffen.

Best onderhoudend allemaal, daar niet van, maar over enkele dagen zal blijken dat niets van dit concert ons is bijgebleven. Behalve het gesuis in onze oren, dan.