Dexia en KPMG vrijgesproken in zaak-L&H
Foto: pn
De bank Dexia, de bedrijfsrevisor KPMG én de interne auditors worden vrijgesproken op het proces-L&H. Oprichters Jo Lernout en Pol Hauspie en de toplui Nico Willaert en Gaston Bastiaens zijn wel schuldig, evenals vier andere spilfiguren.

De rechter heeft vanmiddag Dexia en de externe auditor KPMG vrijgesproken. Volgens het hof had de top van L&H de auditor belet om zijn werk naar behoren te doen.

De strafvordering tegen Dexia is onontvankelijk of niet bewezen. De verbeurdverklaring van 29 miljoen euro is onontvankelijk. Dexia heeft dus geen "noodzakelijke hulp" verleend aan de totstandkoming van valse omzet. Voormalig Dexia-bankier Geert Dauwe gaat vrijuit.

Ook voor KPMG, die als revisor de boeken van LHSP controleerde, is er een ontslag van rechtsvervolging. Het is dus niet bewezen dat het revisorenkantoor noodzakelijke hulp verleende bij het boeken van omstreden omzet.  Een verbeurdverklaring van 8 miljoen euro is onontvankelijk en het hof beval de vrijgave van de borgsom van 455.381 euro.

Door deze uitspraak wordt het voor gedupeerde beleggers bijzonder moeilijk om een deel van hun schade nog te recupereren. De verdediging van de aandeelhouders had daarvoor immers in de eerste plaats gekeken naar Dexia en KPMG, de twee partijen met de 'diepste zakken'.

Dexia zegt in een reactie "tevreden" te zijn met de vrijspraak. De beurshandel in het aandeel Dexia, die vandaag was opgeschort, wordt morgen hervat.

Ook het volledige interne auditcomité van Lernout & Hauspie wordt vrijgesproken, evenals ex-bankier en bestuurder Francis Vanderhoydonck, die beschuldigd werd voor de handel met voorkennis van ruim 3 miljoen L&H-aandelen. Het interne auditcomité bestaat uit Dirk Cauwelier, Erwin Vandendriesche en Marc De Pauw.

Lernout en Hauspie

Het hof acht Jo Lernout en Pol Hauspie wel schuldig aan vervalsing van de jaarrekening, valsheid in geschrifte en het gebruik van valse stukken. Dat blijkt uit het overlopen van de weerhouden tenlasteleggingen. De betichting van emmissiebedrog, bedrog bij de uitgifte van aandelen, werd onontvankelijk verklaard.

Het hof acht de fraude bewezen vanaf een bepaalde periode, en voor kleinere bedragen dan het openbaar ministerie had gevorderd.

Het overlopen van alle betichtingen kan nog een hele tijd duren. Pas daarna wordt de strafmaat bepaald. Lernout en Hauspie en de twee andere topfiguren Gaston Bastiaens en Nico Willaert riskeren tot vijf jaar cel.

Ook Nico Willaert en Gastons Bastiaens worden schuldig bevonden aan quasi dezelfde tenlasteleggingen als die van Jo Lernout en Pol Hauspie: onder meer valsheid in jaarrekening, gebruik van valse stukken en valsheid in geschrifte.

Ook nu werden de bedragen verminderd ten opzichte van wat het openbaar ministerie had gevorderd.

Behalve dit viertal werden ook Thomas Denys en Tony Snauwaert schuldig bevonden. Denys zetelde in de raad van bestuur van L&H Investment Company, terwijl Snauwaert een centrale rol speelde in enkele nevenbedrijven (LDC's). De vennootschap "Lernout en Hauspie Speech Products" werd ontslagen van rechtsvervolging.

De laatste twee personen die schuldig zijn bevonden, zijn KPMG-medewerker William van Aerde en financieel directeur Carl Dammekens.  

Technisch

Het hof las de tenlasteleggingen voor op een zeer technische manier, zonder de tenlasteleggingen te omschrijven. Het hof citeert uit een soort inhoudstabel, die overigens nooit as such door het openbaar ministerie opgesteld was.

Bepaalde bewezen feiten lopen enkel vanaf 17 mei 1999 tot 9 november 2000 en tussen 7 mei 2000 en 9 november 2000. Dat heeft onder meer te maken met het beginpunt waarvan de taalbedrijven (LDC's) als frauduleus werden bevonden.

In de praktijk blijven een hele reeks misdrijven bewezen, zij het dat het dan vaak om geringere bedragen gaat dan wat het openbaar ministerie vorderde. DIe had alle taalbedrijven als frauduleus omschreven. Het hof gaat daarin niet zover.