Tien mensen die bij de Europese verkiezingen in juni vorig jaar geweigerd hadden op te treden als bijzitter in een stembureau, zijn dinsdag door de Brusselse correctionele rechtbank vrijgesproken.

De tien hadden op voorhand de voorzitter van het kiesbureau verwittigd dat ze weigerden te zetelen omdat het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde nog niet gesplitst was. Volgens de rechtbank was dat een geldige reden voor hun weigering.

Van de tien waren er slechts twee voor de rechtbank komen opdagen, de andere acht hadden verstek laten gaan. Eén van de twee die aanwezig was, had aangevoerd dat haar weigering om als bijzitter op te treden, een politiek misdrijf uitmaakte, maar dat argument werd door de rechtbank van tafel geveegd. Haar afwezigheid was immers niet van die aard dat de Belgische politieke instellingen werden aangetast.

De rechtbank had wel oren naar het argument in verband met Brussel-Halle-Vilvoorde dat alle tien verdachten hadden ingeroepen in hun brief aan de voorzitter van het kiesbureau. Daarin hadden ze gezegd dat volgens hen de Europese verkiezingen ongrondwettelijk waren omdat de kieskring nog steeds niet gesplitst was, hoewel de termijn die het Grondwettelijk Hof had voorzien, ruimschoots overschreden was.

De rechtbank was van oordeel dat zij zich niet kon uitspreken over de grondwettelijkheid van de verkiezingen, maar meende dat de verdachten die redenering wel als geldige reden voor hun dienstweigering konden inroepen.