Bart Van Doorne, hoofdredacteur van De Morgen, ontkent de beschuldigingen van Pol Deltour van de Vlaamse Vereniging van Journalisten, dat bij de keuze van de journalisten die ontslagen worden vooral zij geviseerd werden die betrokken waren bij de onderhandelingen over het collectief ontslag.

Vrijdag ondertekenden directie en vakbonden de cao over het collectief ontslag van 13 van de 95 werknemers van de krant. Twee anderen stappen vrijwillig op. Onder meer de journalisten Hans Vandeweghe, Georges Timmerman, Bernard Dewulf en Filip Claus moeten vertrekken. Door journalisten te ontslaan die actief betrokken waren bij de onderhandelingen wil de directie volgens Deltour bewust "journalistiek engagement fnuiken".

"We hebben op basis van objectieve criteria, zoals de vraag of iemand nog paste binnen de toekomst van de krant, in eer en geweten een keuze gemaakt. We hebben hierbij geen rekening gehouden met het feit dat iemand mee onderhandelde. Dat zou betekenen dat je door mee te onderhandelen niet in aanmerking zou kunnen komen voor ontslag. Bij die onderhandelingen waren vijftien werknemers betrokken. De kans was dus groot dat ook een van hen zou ontslagen worden. Uiteindelijk is dat maar voor twee het geval", aldus Van Doorne.

Op de kritiek dat op de redactie diverse bepalende figuren moeten opstappen, repliceert Van Doorne dat voor De Morgen "alle 95 werknemers even belangrijk zijn". "Er bestaat geen goede lijst als je mensen moet ontslagen. Er zal altijd protest zijn. Geen protest zou betekend hebben dat we misbare mensen in dienst hadden, en dat kan ook niet."

De toekomst van De Morgen is volgens Van Doorne met deze herstructurering pas echt gegarandeerd. "Met deze besparingsronde hebben we de krant een financieel gezonde basis gegeven. Dit was absoluut noodzakelijk want anders was er over twee jaar geen De Morgen meer."