Striptekenaar Jean Roba (Bollie en Billie) overleden
Foto: rr
BRUSSEL - Jean Roba, de geestelijke vader van "Bollie en Billie", is op 75-jarige leeftijd overleden. Dat deelde de uitgeverij Dargaud woensdagavond in een communiqué mee.
Roba werd op 28 juli 1930 in Schaarbeek geboren en heeft het tekenen duidelijk in het bloed. Hij begint na zijn militaire dienst zijn carrière in de reclamewereld vooraleer André Franquin hem overhaalt om in 1957 bij uitgeverij Dupuis te beginnen. Daar maakt hij aanvankelijk illustraties voor de weekbladen Spirou/Robbedoes en Bonnes Soirées.

In samenwerking met Eddy Paape heeft hij na twee "Verhalen van Oom Wim" de smaak te pakken, waarna een volledig verhaal tekent met zijn eerste eigen personage, "Tioe, de kleine Soux". Hij werkt op het atelier van Franquin ook mee aan verhalen van Robbedoes en Kwabbernoot, onder meer in "Robbedoes en de Bobbelmannen" en "Tembo Taboe".

In 1959 lanceert hij de avonturen van "Bollie en Billie", dat zou uitgroeien tot een succesvolle gagstrip. Het eerste verhaal, naar een scenario van Maurice Rosy, verschijnt in micro-formaat, met de titel "Bollie tegen de mini-haaien". Hij haalt zijn inspiratie voor Bollie bij zijn zoon Philippe, bijgenaamd Boule, Billie bij zijn cockerspaniël Bill.

Na een eerste proefverhaal krijgen Bollie en Billie een wekelijkse gagpagina in Robbedoes. Het eerste album dateert van 1962 en de avonturen van de kleine jongen en zijn gekke hond worden erg populair in België en Frankrijk, naast Robbedoes, Lucky Luke en Guust Flater. Hij maakte van zijn striphelden slechts een lang vervolgverhaal ("Globetrotters" in 1982). In de periode van 1965 tot 1984 tekent hij ook zes albums van de stripreeks "De Sliert". Eind jaren tachtig verhuizen Bollie en Billie naar Dargaud, waar zij de grens van duizend gags overschrijden.

Tijdens zijn productievere jaren werd Roba door Franquin, Morris en Paape aangezocht om samen met Victor Hubinon en Peyo de "school van Marcinelle" te vormen, naar de vestigingsplaats van de uitgevers en als tegenhanger van de "Brusselse school" van Hergé en zijn vrienden bij het weekblad Kuifje.

Tegenover de soberheid en het realisme van deze laatste kenmerkt de school van Marcinelle zich door een sterk individuele stijl, soepele lijnvorming en meer ruimte voor humor en fantasie.

Roba tekende "Bollie en Billie" gedurende 40 jaar en gaf in 2003 het potlood door aan zijn assistent Laurent Verron. Er werd een dertigtal albums van "Bollie en Billie" uitgegeven en vertaald in 14 talen. Inmiddels zijn er al meer dan 25 miljoen exemplaren in België en Frankrijk over de toonbank gegaan.