SHANGHAI - De speculatiekoorts heeft de Chinese beurs te pakken. De beurs is de voorbije weken steeds blijven stijgen en heeft nu al de beurs van Hongkong voorbijgestoken als tweede grootste marktplaats van Azië, na Tokio.
De beurs van Shanghai kende vorige week het ene sluitingsrecord na het andere en sloot woensdag voor het eerst boven de 4.000 punten. Dat gebeurde amper twee en een halve maand na de grootste daling in elf jaar. Op 27 februari daalde de index bijna 9 procent tot 2.771,79 punten. Een analist ziet de beurs 'binnen de maand' boven de 5.000 punten gaan.

'Shanghai won bijna 15 procent op een maand tijd, 50 procent in drie maanden, 117 procent in zes maanden en 260 procent in twee jaar', aldus Omar-Gabriel Habache, econoom bij Crédit Agricole.

Irrationeel en overdadig

Habache heeft het over een 'irrationele en overdadige' stijging. Zo steeg de Hang Seng-index in Hongkong het voorbije half jaar maar met 10,3 procent, de Dow Jones met 9,7 procent en de Eurostoxx 50 met 8,6 procent, zegt hij.

De gecumuleerde kapitalisatie van de twee beursplaatsen op het vasteland van China, Shanghai en Shenzhen, heeft Hongkong ingehaald als tweede grootste van Azië.

De ontwikkeling op de markt maakt de overheden bezorgd. Ze hebben al meermaals gewaarschuwd voor de vorming van een luchtbel en wijzen daarbij op het enorme aantal kleine, vaak ondervaren, beleggers dat wordt aangetrokken door het beursspel.

De mini-beurscrash van februari begon als een gewone correctiebeweging, maar leidde tot de zwartste beursweek in Europa en de VS sinds de start van de oorlog in Irak eind maart 2003.