Tien doden bij verkiezingen op Filippijnen
Gloria Macapagal Arroyo
MANILLA - De verkiezingsdag op de Filippijnen is maandag overschaduwd door geweld. Minstens tien mensen zijn doodgeschoten, waarschijnlijk door politieke rivalen. Dat meldt de politie.
Ondanks dreigementen van communistische guerrillastrijders om de verkiezingen met geweld te verstoren, is de Filippijnse bevolking maandag toch massaal naar de stembus getrokken. De kiescommissie gaat uit van een opkomst van meer dan tachtig procent. Omdat de stemmen met de hand geteld worden, zullen de resultaten pas in de loop van de week bekend gemaakt worden.

De oppositie wil van de stembusgang een referendum over president Gloria Macapagal Arroyo maken. Na haar verkiezingsoverwinning in 2004 werd haar massale stemmanipulatie verweten. De zaak is nog niet volledig onderzocht. Haar christendemocratische partij heeft in de kamer de absolute meerderheid. In de senaat domineert de oppositie.

De verkiezingen gaan vooral tussen Arroyo en haar voorganger, Joseph Estrada. Die laatste werd in 2001 wegens corruptie door het volk afgezet, maar heeft bij de arme bevolking een deel van zijn sympathieke imago weten te behouden door zijn verleden als acteur in actiefilms. Daarin speelde hij vaak de onderdrukte held.

Geweld

Verkiezingen gaan op de Filipijnen regelmatig gepaard met geweld. Vooral op het platteland vechten vele families de stembusslag als een vete uit. De voorbije weken kwamen, met de slachtoffers van maandag bijgerekend, honderddrieëntwintig mensen om het leven, onder wie minstens eenenzestig politici.

In de buurt van de stemlokalen ontploften maandag ook meerdere bommen. Minstens honderddertig mensen raakten daarbij gewond. Bij de kiescommissie liepen ook veel klachten binnen. In sommige districten ontbraken kiesurnen of namen op de kieslijsten. Op andere plaatsen zouden kandidaten geld geboden hebben voor stemmen of kiezers voor het stemlokaal bedreigd hebben.