Burgerlijke partijen eisen 900.000 euro van Van Themsche
Op het assisenproces van Hans Van Themsche hebben de burgerlijke partijen forse schadevergoedingen geëist van de veroordeelde. Het totaalbedrag zou op ruim 900.000 euro uitkomen. De afhandeling werd echter naar 7 januari uitgesteld, omdat sommige burgerlijke partijen nog de nodige stukken moeten aanbrengen om hun vordering mee te bewijzen.
De 19-jarige Hans Van Themsche uit Wilrijk werd donderdag tot de levenslange opsluiting veroordeeld voor de racistische moorden op de peuter Luna Drowart (2) en haar Malinese oppas Oulematou Niangadou (25) en de racistische moordpoging op de Turkse Songul Koç (47).

Bewijs van verwantschap met Oulematou

Het proces zou normaal gezien vrijdag worden afgesloten met de afhandeling van de burgerlijke belangen, maar zo ver kwam het nog niet. De verdediging stelde dat de materiële kosten van sommige burgerlijke partijen met onvoldoende bewijsstukken waren aangetoond. Ze wil van sommige familieleden van Oulematou Niangadou ook een duidelijk bewijs van hun verwantschap met het slachtoffer hebben.

Meester Kris Luyckx, die voor de nabestaanden van de Malinese oppas optreedt, noemde dat een schande. 'Het is het zoveelste bewijs dat Van Themsche absoluut geen verantwoordelijkheid wil nemen voor zijn daden. Er wordt hier gewoon misbruik gemaakt van het feit dat de administratie in Mali niet zo grondig gebeurt als in ons land. Voor mijn cliënten is dit opnieuw een kaakslag', stelde hij.

De familie van Oulematou vraagt een schadeloosstelling van ongeveer 350.000 euro in totaal. Het leeuwendeel daarvan is voor de moeder en het dochtertje van het slachtoffer. De nabestaanden van Luna vorderen ruim 90.000 euro.

Songul Koç en haar familie vragen bijna 500.000 euro. Een deel van dat bedrag is provisioneel, onder meer omdat de vrouw nog altijd psychologische begeleiding nodig heeft. Haar advocaat vroeg ook de aanstelling van een deskundige, die moet bepalen in hoeverre ze blijvend arbeidsongeschikt is.

Het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding en de Liga voor Mensenrechten vroegen tot slot ieder een symbolische euro.