Leven zonder God

Luc Ferry pleit voor een transcendentaal humanisme

De hedendaagse samenleving heeft god vermenselijkt en de mens vergoddelijkt. Dat zadelt de mens op met een fundamenteel zingevingsprobleem. Om dat te ondervangen pleit de Franse filosoof Luc Ferry in De god-mens voor een synthese van de traditionele joods-christelijke en de moderne humanistische waarden. Hoe overtuigend is zijn pleidooi?

De naam Ferry verwijst in Frankrijk naar het principe van de geseculariseerde samenleving. Minister van Onderwijs Jules Ferry zorgde er in 1881-82 voor dat het lager onderwijs werd onttrokken aan de kloostercongregaties. Het onderwijs werd voortaan ingericht door de overheid, en was bovendien verplicht en gratis. De school was voor Ferry het instrument bij uitstek om de republikeinse waarden te verspreiden. De loi Ferry wordt ook nu nog beschouwd als de hoeksteen van de état laique, waar onze zuiderburen zo trots op zijn.

Er zit dan ook een grote historische ironie in het feit dat die seculiere samenleving nu wordt aangevallen door een andere Ferry, de filosoof Luc Ferry. In zijn boek De god-mens stelt hij dat de moderne samenleving God heeft afgezworen en probeert de mens zelf op die vacante troon te plaatsen. Tevergeefs, stelt Ferry: als er geen transcendente waarheid bestaat, is er ook geen antwoord mogelijk op de vraag naar de zin van het leven, en blijven de mensen verlaten en dolend achter. Het post-religieuze tijdperk kan geen antwoord bieden op de diepere zinsvraag.

Ferry behandelt dus het klassieke mind-body probleem uit de filosofie: de onoplosbare tegenstelling tussen aan de ene kant het gevoel dat we een uniek, denkend en zingevend wezen zijn, terwijl we anderzijds gewoon in een stoffelijk en sterfelijk lichaam huizen. Zonder goddelijke assistentie kunnen we dit dilemma nooit overwinnen.

De secularisering heeft volgens Ferry twee gezichten: we hebben God menselijk gemaakt, en anderzijds hebben we de mens vergoddelijkt. Secularisering is dus niet alleen een zaak van een zich afwenden van de kerk, ook de geloofsinhoud zelf wijzigt en wordt aangepast aan de gemoderniseerde samenleving. God is in zekere zin gedomesticeerd, is op mensenmaat gebracht. Het traditionele Godsbeeld van de gestrenge, allesbeheersende Pancreator is onhoudbaar geworden. De angstaanjagende dimensie van het transcendente, het tremendum, is compleet verdwenen uit onze leefwereld, ook bij de christenen.

Zo is het geloof in het bestaan van de duivel volledig weggeërodeerd. Paus Paulus VI stelde nog in 1972 dat de duivel wel degelijk bestaat, en dat het aanvaarden van zijn bestaan een van de centrale geloofspunten vormt van de katholieke kerk. Het heeft niet mogen baten: uit een enquête van tien jaar geleden blijkt dat nog maar tien procent van de Vlamingen daadwerkelijk in de duivel gelooft.

Geloof is ook niet langer een kwestie van het volgen van de onwrikbaar vastliggende natuurwet, maar wordt vooral een individuele zoektocht naar authenticiteit. Ook voor de kerk is het individuele geweten de hoogste norm geworden. Joannes Paulus II stelt weliswaar in zijn encycliek Veritatis Splendor uit 1993 dat de waarheid niet afhankelijk is van individuele interpretatie, maar onwrikbaar vaststaat, maar die gestrengheid vindt nauwelijks nog navolging bij de gelovigen.

Volgens Ferry hebben we door die vermenselijking van God de kern van de godsdienst kapot gemaakt. Een religie kan alleen functioneren als de wegen van God een ondoorgrondelijk mysterie blijven, dat zich onttrekt aan menselijk inzicht of controle.

Ferry heeft dan ook weinig waardering voor de hervormingen van het Tweede Vaticaans Concilie, waardoor er een grotere waardering is ontstaan voor autonomie, vrijheid en menselijke waardigheid. Hij steunt eerder de interpretatie van Joannes Paulus II die stelt dat de ware autonomie van de mens juist bestaat uit het aanvaarden van de door God geopenbaarde natuurwet. Maar nu we geconfronteerd worden met een ,,verval van de plicht'' in onze samenleving, lijkt het erop alsof de pauselijke vermaning op rotsige bodem zal terecht komen.

Naast de vermenselijking van God, is er echter ook de vergoddelijking van de mens. De mens komt in opstand tegen het regime van de natuurwet, en wil zelf bepalen wat goed en rechtvaardig is. Het streven naar authenticiteit wordt belangrijker dan het navolgen van geopenbaarde waarheden.

Deze evolutie wil niet zeggen dat het sacrale verdwijnt, integendeel: in zekere zin wordt de mens zelf een sacraal wezen. Zo reageren we heel bezorgd op de wetenschappelijke evolutie inzake genetische manipulatie en klonen. Die bezorgdheid vindt volgens Ferry zijn oorsprong in het feit dat we er blijkbaar van uitgaan dat het menselijk lichaam iets unieks en onaantastbaars is, waaraan de wetenschap niet mag prutsen. Ferry verliest hierbij wel uit het oog dat er ook een tegenovergestelde trend bestaat: nooit eerder werd het menselijk lichaam zo gemanipuleerd als nu. Zo sacraal vinden we het blijkbaar toch ook niet.

Die twee processen, de vergoddelijking van de mens en de vermenselijking van God, kruisen elkaar nu, stelt Ferry, en dat verklaart het huidige klimaat van vertwijfeling en doelloosheid. We kunnen de vraag naar de zin van het leven niet ontwijken, maar het humanisme kan hierop geen antwoord bieden: ,,Steeds willen we de betekenis ontcijferen van wat ons overkomt, en wanneer het kwaad toeslaat, wanneer de dood zich in al haar absurditeit aandient, kunnen we het niet laten te vragen: 'Waarom?' Maar als humanisten zonder illusies, als niet-confessionelen, hebben we daar geen antwoord op.''

In het uur van onze dood worden we, letterlijk, met de onontkoombaarheid van het mind-body probleem geconfronteerd. Religie was het middel bij uitstek om aan de dood toch enige zin en betekenis te geven. Nu we het geloof in de transcendentie hebben afgezworen, blijven we met lege handen achter, overgeleverd aan de absurditeit van het aards bestaan. Wel zien we allerlei nieuwe fenomenen opduiken die een antwoord proberen te geven op de zinsvraag. New age en oosters holisme kunnen zich in een toenemende populariteit verheugen. Deze fenomenen kunnen echter niet terugvallen op een millennialange kerktraditie, en blijven daardoor oppervlakkig en intellectueel niet overtuigend.

De secularisering zorgt er dus voor dat de mens alleen en machteloos overblijft: ,,De wijsheid van de grote godsdiensten moge niet meer passen bij onze democratische tijden [...] we hebben anderzijds geen enkele acceptabele vervanging bedacht.'' De Leuvense filosoof Bart Pattyn heeft het in dit verband over ,,het verlaten gevoel'': de kwetsbare mens blijft moederziel alleen achter na het wegvallen van de vroegere zekerheden.

Ferry ziet in dat een terugkeer naar de autoritaire verhoudingen van het preconciliaire tijdperk onmogelijk is. De verworven vrijheid kan niet worden teruggedraaid. Ferry pleit daarom eerder voor de grote synthese: religieuze en humanistische elementen moeten worden geïntegreerd in één ,,transcendentaal humanisme''. Daarin blijft de mens centraal staan, maar laten we ook het sacrale en het spirituele een rol spelen.

Voor Ferry bestaat er geen contradictie tussen de moderne humanistische waarden en de traditionele joods-christelijke waarden. Wat de inhoud betreft overlappen beide waardesystemen elkaar in grote mate, alleen zullen humanisten die waarden eerder funderen op de mens zelf, terwijl de gelovigen zich hiervoor baseren op een geopenbaarde waarheid. Het is enkel door een dergelijk transcendentaal humanisme dat we de huidige atomisering van de samenleving een halt kunnen toeroepen, en dat we mensen opnieuw met elkaar kunnen verbinden tot een ware gemeenschap.

Ferry wil dus het spirituele opnieuw meer aandacht geven in ons wereldbeeld, en hij stelt dat we niet moeten proberen die transcendentie op een rationele manier te begrijpen. Het gaat veeleer om een mysterie dat we nederig moeten aanvaarden. Hoe deze onderwerping te rijmen valt met het feit dat ons wereldbeeld in steeds sterkere mate wordt gevormd door wetenschappelijke inzichten, laat Ferry wijselijk in het midden.

Het project van Ferry vertoont dus enige gelijkenis met het pleidooi van Leo Apostel voor een atheïstische religiositeit. De contouren van Ferry's project blijven wel relatief vaag, en hij houdt het erbij dat zijn transcendentaal humanisme in de stijl ligt van Rousseau, Kant, Descartes, Husserl en Levinas. Af en toe heeft het boek van Ferry meer weg van een imponerende namengalerij dan van een doordachte analyse.

Ferry is heus niet de enige die worstelt met het probleem in hoeverre het humanisme een vervanging kan bieden voor de zekerheden en de zingeving die werden geleverd door het vroegere religieuze systeem. Bij ons behandelde ook iemand als Leo Apostel dezelfde problematiek, maar hij deed dat een stuk doordachter dan Ferry. Het verschil is echter dat Apostel geen beroep kon doen op de promotiemachine van prestigieuze uitgeverijen als Grasset (voor de oorspronkelijke Franse uitgave) of Ambo.

Ik heb dit boek niet met plezier gelezen, het was eerder een te doorstane beproeving. Dat heeft niets te maken met het onderwerp, dat inderdaad belangrijk is. Het heeft ook niets te maken met de stellingen van Ferry. Het heeft daarentegen alles te maken met zijn bombastisch en wollig taalgebruik. In een non-fictiewerk hou ik van klare en heldere zinnen. Ik ben er rotsvast van overtuigd dat ook het moeilijkste onderwerp op een heldere en bevattelijke manier kan worden uitgelegd. Ferry, daarentegen, maakt constructies als: ,,Wederom zijn de zaken minder eenvoudig dan ze lijken. We moeten ons er strikt genomen voor hoeden om de noodzakelijke selectiviteit evenzeer af te keuren als de doelbewuste selectiviteit, die inderdaad laakbaar is.'' Hebben ze bij de uitgeverij dan geen mensen in dienst die dat kunnen vertalen in iets als: ,,Het is echter niet zo eenvoudig: soms moet men wel selectief zijn.''

Of zou dan te zeer opvallen dat Ferry eigenlijk niet zoveel nieuws te vertellen heeft?

  • LUC FERRY, De god-mens of de zin van het leven. Ambo/Kritak, Amsterdam/Leuven, 256 blz., 898 fr.
  • Binnenland
    1. Vlaanderen heeft 13.000 km lintbebouwing, en het stopt niet
    2. Gele hesjes bezetten opnieuw snelweg in Feluy (Henegouwen)
    3. Komeet vliegt redelijk dicht voorbij aarde
    4. Michel: 'Ik ga doen wat ik beloofd heb: het parlement raadplegen'
    5. Brussels Airlines scoort zwak in milieuranking van vliegmaatschappijen
    6. De Wever: ‘Democratie niet zomaar opzijschuiven’
    7. Voetganger overleden na aanrijding in Schaarbeek
    8. Eerste najaarsstorm laat zware sporen na op onze stranden
    9. Video Filmpje van Mechelse school verovert sociale media
    10. Eerste armworsteling is begonnen voor minderheidsregering-Michel
    11. ‘Je weet nooit precies wat er in iemands hoofd omgaat’
    12. Een blik op de groepsfoto: Michel I is helft van ministers kwijtgespeeld
    13. Video Woordvoerster Wegen en Verkeer zet Europarlementslid Open VLD op haar plaats
    14. Familie van overleden student: ‘Dit mag niet in de doofpot belanden’
    15. UZ Gent transplanteert voor het eerst in België baarmoeder
    16. Vijf leerlingen die dreigden met aanslag op klas nieuwkomers geschorst
    17. Asielzoekende mannen blijven in de kou staan aan Klein Kasteeltje
    18. Zware vertragingen door geblokkeerde trein op Noord-Zuid verbinding
    19. Theo Francken: ‘CD&V en Open VLD hebben alle frustraties over steile opmars N-VA in één keer uitgespuwd’