De neen-stem van de aandeelhouders betekent dat een deel van hun toekomst afhangt van juridische procedures. Er is dus nood aan raadsheren zoals Paul Blondeel van het hof van beroep die ervoor durven te gaan, maar is er nog wel een Blondeel in de zaal?

van onze redacteur



De onverwachte neen-stem van de aandeelhouders van Fortis Holding heeft velen verrast, maar het was een risico dat nooit ver weg is geweest. De aandeelhouders zijn immers al het gros van hun investering kwijt. Ze moesten kiezen tussen twee magere beestjes. Eentje waarbij ze het gevoel hadden dat hun arm werd omgewrongen (de verkoop aan BNP Paribas) en eentje waarbij ze een gokje namen met wat van hun investering restte.

Maandag leek het er nog op dat een ja-stem voor het grijpen lag. Insiders merkten op dat als de overheid nog één kleine geste deed - perspectief bieden op de meerwaarde op het restpakket van 25procent in Fortis Bank - het 'ja' verzekerd was. Maar vreemd genoeg was die geste, die ook psychologisch belangrijk was voor vele historische aandeelhouders, voor de overheid onbespreekbaar. Deminor begreep de weigering niet, Fortis Holding evenmin. 'De overheid moet inschatten of het nodig is om een ja te verkrijgen, zei een insider. 'Er zijn nog wat losse eindjes.'

De losse eindjes kwamen pas dinsdagavond laat aan het licht: de overheid was van plan om zelf als grootaandeelhouder te stemmen op de aandeelhoudersvergadering door een pakket aandelen met opgeschort stemrecht in te zetten. 'We moeten niets meer doen voor die aandeelhouders, we gaan zelf op de ja-knop drukken, zo luidde het plan.

Nu het drie keer neen is, moeten alle betrokken partijen rond de tafel zitten en er het beste van maken. Een duidelijk ontgoochelde Jan-Michiel Hessels, die vrijdag zijn laatste dag als waarnemend voorzitter van Fortis beleeft, zei dat hij de kans op meer waarde voor de aandeelhouders piepklein acht. In eerste instantie zullen er procedures bijkomen en er zijn er nu al een tiental. Er zijn ook al drie commissies van experts. De commissie die gisteren de vergadering leidde, de commissie Walter Van Gerven en Guy Horsmans, moet tegen 15 mei haar eindrapport presenteren.

Advocaat Adriaan de Gier van De Gier Business Law zei dat hij eraan denkt om een 'Modrikamen-procedure' in Nederland te starten: de rechtbank in kort geding vragen om de Nederlandse overheid te verbieden de Nederlandse verzekeringsactiviteiten te verkopen (Delta Lloyd wordt genoemd) alsook de bank. Naar analogie zouden er ook experts moeten worden aangesteld.

De rechtbank zal nog op verschillende fronten worden ingeschakeld. Wat gebeurt er bijvoorbeeld als BNP Paribas wegloopt? Dan heeft de holding 100% van Fortis Insurance Belgium (FI B) en van Fortis Insurance International. De regering kan dan ook vragen dat de holding een belang van 73,3% neemt in een gifvehikel waarin voor 10,4 miljard euro zwakke kredieten worden ondergebracht. Regering en holding hebben zo'n 'onderhands akkoord' afgesloten. Maar Mischaël Modrikamen en Deminor verzetten zich tegen de uitvoering ervan: 'De aandeelhouders hebben nooit expliciet toestemming gegeven voor zo'n investering. De raad van bestuur moet zich aan de logica van het “neen, houden.'

Mogelijk een kwestie voor de rechtbank. Zal Fortis Holding ingevolge het “neen, proberen om 50,01% in Fortis Bank te recupereren voor de prijs van 4,7 miljard? 'Met dat bedrag koop je vandaag al veel banken', luidt het cynisch.