Mode in de Marais
Foto: Veerle Windels
Zonder overdrijven: als modejournaliste kan je in Parijs een volledige modeweek vullen met alleen maar jonge designers te bezoeken in hun showroom. Meestal is die gelegen in de Marais, het gezellige derde arrondissement. Het leuke aan zo’n bezoekje is dat je de ontwerper in kwestie te zien krijgt en dat hij of zij graag uitleg geeft bij de collectie.

Ik hou van die (zij het) korte intimiteit, waarbij je ook vragen kan stellen en stoffen kan voelen. Vaak ga ik langs bij gevestigde waarden die liever geen defilé geven – Tim Van Steenbergen bijvoorbeeld – maar ik beschouw het als een erezaak om ook absolute nieuwkomers te gaan opzoeken of designers die pas enkele seizoenen in de business zitten. Mijn voorkeur gaat uit naar Belgische designers, waarbij ik het begrip ‘Belgisch’ even verduidelijk. Het adjectief staat immers voor ‘iemand die mode studeerde in België’. Precies daarom noemen we bijvoorbeeld Bernhard Willhelm soms een Belg - hij is afkomstig van Beieren maar niemand die dat laat meespelen.

Tim Van Steenbergen

Sfeerbeeld van fotograaf Tomas Vandecasteele voor Tim Van Steenbergen

Dit keer stond er een tiental showrooms op mijn programma. Eén van de eersten op mijn lijstje was Tim Van Steenbergen, een designer die ik goed leerde kennen toen we vorig jaar samen een boek maakten. Tim had dit keer niet de jaren vijftig maar de jaren twintig bestudeerd, en dat gelinkt aan het werk van zijn grootvader die architect was. Hij had zijn ontwerpen niet op de pop gemaakt, wat hij doorgaans doet, wel via patronen, net zoals een architect zijn bevindingen eerst op papier zet. Resultaat? Langere jurken met een lagere taille (leuke leren banden trouwens) maar ook art deco motieven en een heel aangenaam kleurenpalet, een knipoog naar Kandinsky. Ook leuk: de dualiteit tussen mat en glans, tussen doorkijk en blikdicht, tussen fluïde en hard.

Marc-Philippe Coudeyre

Daarna liep ik binnen bij Marc-Philippe Coudeyre. Hij was er zelf niet, maar zijn partner Jan Verheyen (neen, niet de filmregisseur) wilde wel uitleg geven bij ‘Bermuda Triangle’ – zo heette de collectie. Voor het eerst zag ik een volwaardige lijn, met talloze elementen die je onderling kan combineren. Een short met een blouson (met een naam als ‘Dali’ moet dat lukken), jurken met het accent op de rug (een strik) of aan de kraag (losvallende sjaal), een hemdjurk in wildebeestenprint, een pantalon waarop spatjes van lovertjes lijken te zitten.

Alexandra Verschueren aan het werk

Alexandra Verschueren vond ik een eind verderop in dezelfde straat als Tim. Ze toonde er ‘Shift’, een draagbare lijn vindt ze zelf, die een soort overgang moet vormen tussen haar artistieke werk (op de academie) en het échte leven. De ontwerpster liep na haar studies stage bij het ontwerpduo Proenza Schouler in New York, en werkte nadien even bij Derek Lam, waar ze aan de lijve ondervond hoe ingrijpend een verkoopteam de creatie-afdeling kan beïnvloeden. Alexandra heeft gewerkt met Japanse materialen en dat merk je aan haar geslaagde minicollectie (“mijn budget was klein maar ik probeer er toch te staan”). Ik hield vooral van de gemouleerde tops en jurken in snoeptinten.

Kim Stumpf

Katrien Van Hecke

Twee straten verder zaten drie designers in een galerie bijeen: Kim Stumpf, Katrien Van Hecke en juwelenontwerpster Ingrid Verhoeven. Van Kim is geweten dat ze focust op mantels en breigoed en daar is ze verdomd goed in. Haar ‘Black Emanuelle’ lijn komt in Aaibare materialen en coupes waarover nagedacht is… het mag niet verbazen dat ze al vijf verkooppunten in België heeft. Haar beeldentaal is ook magnifiek, de catalogus is bijeen geschoten aan de Opaalkust. Meer van dat. Katrien Van Hecke is als een fysica met haar stoffen bezig, en heeft ze dit keer laten roesten. Dat geeft bizarre resultaten die doen denken aan de hippietijd maar dat zal ze misschien niet graag horen. De geroeste sjaal lag me wel, net als het patchworkjurkje. Ingrid Verhoeven had een muur van de galerie bekleed met boxen, juwelen, slogans, ideetjes. Een soort wonderwall die verwondert. Heb ik graag omdat je altijd weer iets nieuws ontdekt.

De schoenen van Zoé Vermeire

Nog in de buurt zat de showroom van Ra, de conceptstore uit Antwerpen die hier in Antwerpen een platform biedt aan beginnende designers. Uit hun schare designers haal ik graag Zoé Vermeire. Zoé komt uit Gent, maar deed toch La Cambre in Brussel (waar ze in juni als één van de beste van haar jaar afstudeerde) en focust op mantels (“die vind ik gewoon het tofst om te maken”) én schoenen (“ja, zelf gecreëerd”). Ze kijkt naar een stage maar droomt stiekem wel van een kleine eigen kledinglijn.

Céline Pinckers Lingerie

De rockchick look van Filles à papa

Mijn favoriete jurkje van Connie Kaminsky

De showroom van het FFI (samen met Wallonie/Bruxelles/Design/Mode) leverde naar goeie gewoonte wat jong modegeweld op. Te veel om op te noemen, maar ik hou van de doorkijklingerie van Céline Pinckers. Ik vind de glamour-outfits van Filles à papa nog steeds geweldig, en ik droom nu al hardop van een jurkje van Connie Kaminsky (in een Afrikaprint met fluo-afwerking).

Ek Thongprasert Gelegenheidsmodel Ilse bij Lena Lumelsky Heaven Tanuredja

Juan Daels aan het werk

Meer Juan Daels

Ook in de Galerie Vivienne zaten enkele ‘Belgen’. Ik vond er de kledinglijnen van Juan Hernandez Daels en Lena Lumelsky en de juwelen van Ek Thongprasert en Heaven Tanuredja. Juan pendelt tussen Antwerpen en Qatar, waar hij als designer een cultuurproject begeleidt, maar zijn passie gaat duidelijk uit naar zijn eigen collectie, die net als altijd baadt in het zwart. Een mooie belijning, schitterende jasjes, zachte materialen, een enkele print… het is een dna dat Daels al enkele seizoenen neerzet. Ook Lena Lumelsky heeft zo haar dada’s: leder is eentje van, mooi uitgewerkt in intarsia (uitsnijdingen) maar ook gladvallend als een tweede huid. Een designer om in de gaten te houden. Van de juwelen van Heaven Tanuredja laat ik liefst foto’s zien. Ze zijn exquis, maar wel een beetje zwaar in tegenstelling tot die van Ek. Die zijn vederlicht, want vervaardigd uit een soort rubber waartussen steentjes werden verwerkt.

Capara

Een laatste halte was die van de Capara zussen. Ze lanceerden hun zomerlijn ‘Favorite Dreams’ met een video die perfect de toon zette van een sterke lijn die toch zijn fragiele kantjes had. Mooie jasjes, een mix aan frappante kleuren… De Capara’s verklapten ook dat ze volgend jaar gaan samenwerken met schoenenfabrikant Camper. Goed nieuws en alweer een bewijs dat ‘Belgische‘ jonge designers perfect kunnen meedraaien in de hedendaagse modebusiness.

Tot snel,
Veerle